Van concentratiekamp tot werelderfgoed: gevecht tegen vergetelheid

Nationaal Monument Westerbork op het terrein van kamp Westerbork. (Foto: ANP).

Op donderdag 19 maart pleitten verschillende organisaties in Den Haag ervoor om voormalige nazi-concentratiekampen op de UNESCO Werelderfgoedlijst te plaatsen. Volgens de initiatiefnemers is dat nodig vanwege toenemend antisemitisme. Hoe haalbaar is deze wens?

Tieners van 16 jaar die nog nooit van de Holocaust gehoord hebben. Hoewel moeilijk voor te stellen, is dit toch vaak de realiteit, zegt Micha Gelber (90).

Gelber overleefde het concentratiekamp Bergen-Belsen, waar hij in de oorlog als klein jongetje werd opgesloten.

Tot op de dag van vandaag geeft Gelber lezingen op middelbare scholen, waarin hij vertelt over de verschrikkingen van de Holocaust. Onlangs was hij op een school in Papendrecht: ‘Er waren leerlingen in het derde jaar van de middelbare school die absoluut van niets wisten.’

Oproep tot bescherming

EW sprak Micha Gelber in Den Haag, tijdens de conferentie Remember the past, secure the future. A call to action, ofwel: herdenk het verleden, verzeker de toekomst. Een oproep tot actie.

Onder leiding van schrijver Arnon Grunberg werd op de conferentie gepleit voor het behoud van de voormalige concentratiekampen, door ze te laten opnemen op de UNESCO Werelderfgoedlijst. ‘Een plek op de lijst betekent dat de kampen zullen blijven, ter herinnering,’ zegt Micha Gelber. ‘Zodat wanneer scholieren erover horen, ze deze kampen kunnen bezoeken en kunnen zien wat daar is gebeurd. Dat is voor mij de reden.’

Op dit moment is het vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau, nabij Krakau in Polen, het enige kamp dat op de lijst staat. Andere kampen in Europa, zoals de Nederlandse concentratiekampen Westerbork en Amersfoort, zijn niet vertegenwoordigd.

Toevoegen kampen belangrijk

De toevoeging van de kampen aan de werelderfgoedlijst is van groot belang stellen de initiatiefnemers, bestaande uit een reeks internationale comités van nabestaanden en directeuren van de kampen.

Op de conferentie, gehouden op het ministerie van Buitenlandse Zaken, uitten de comités hun zorgen over het toenemende antisemitisme in het Westen.

Ook in Nederland is dit actueel: de aanslagen op een Joodse school in Amsterdam en een synagoge in Rotterdam van de afgelopen weken liggen nog vers in het geheugen.

Concentratiekampen als tastbaar bewijs

Op de conferentie kwamen de initiatiefnemers met een statement, dat ze overhandigden aan de ambassadeurs van Duitsland, Frankrijk, Polen, Oostenrijk en Tsjechië. Ook Mirjam Sterk (CDA), minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport, was aanwezig en mocht de openingstoespraak houden.

Dat de concentratiekampen verspreid over heel Europa van buitengewoon cultureel belang zijn, is geen controversieel standpunt.

Ze zijn onlosmakelijk verbonden met de dood van zes miljoen Joden en nog eens miljoenen Sinti, Roma, homoseksuelen, intellectuelen, verzetsstrijders en andere groepen. De kampen zijn het belangrijkste tastbare bewijs van de misdaden tegen de menselijkheid door de nazi’s.

Toenemende onwetendheid onder de jeugd

De Franse ambassadeur vertelt in Den Haag dat veel scholen in zijn land een verplicht bezoek aan een voormalig concentratiekamp in het curriculum opnemen. Dit doen ze om de toenemende onwetendheid en bagatellisering van de Holocaust onder jongeren tegen te gaan.

Ook in Nederland is dit een probleem, bleek in januari 2023. Een onderzoek in opdracht van de internationale organisatie Claims Conference wees uit dat bijna een kwart van de Nederlanders geboren na 1980 de ernst van de Holocaust in twijfel trok. Zes procent noemde het zelfs ‘een mythe’.

Daarnaast wordt bijna dagelijks aangifte gedaan van een strafbaar feit tegen een gedenkplaats of medewerker, zo stellen de organisatoren. Twee weken geleden nog werd een Syriër veroordeeld tot 13 jaar cel na een antisemitische aanslag bij het Holocaustmonument in Berlijn.

Het Antisemitism Research Center (ARC) meldde van januari tot en met november vorig jaar wereldwijd 6.333 antisemitische geweldsincidenten, een stijging van 7,5 procent ten opzichte van 2024.

Kampen houden herinnering levend

Kampoverlevende Micha Gelber vindt dat scholieren niet genoeg weten over de Holocaust. Een bezoek aan een voormalig concentratiekamp kan hierbij helpen: ‘Het is educatie. Het is een stuk van onze Nederlandse en de wereldgeschiedenis.

‘Uiteindelijk moet het via de jeugd. Mensen die de twintig voorbij zijn en er nog steeds niks van weten, breng je het niet meer bij.’

Of UNESCO gehoor geeft aan deze oproep, moet nog blijken. Hun lijst wordt steeds groter, dus is de organisatie sinds het jaar 2000 het aantal nominaties aan het beperken.

Ook krijgen landen die nog niet op de lijst zijn vertegenwoordigd voorrang, ten nadele van Nederland dat al dertien keer voorkomt.

Westerbork als werelderfgoed steeds onwaarschijnlijker

De kans dat een concentratiekamp als Westerbork werelderfgoed wordt neemt verder af doordat het kabinet heeft aangegeven geen voormalige concentratiekampen als nominatie voor te dragen.

Desondanks is de boodschap van Gelber duidelijk: ‘Onderwijs is het belangrijkste. En dan vooral naar de plaatsen gaan. Piotr Cywiński (53) directeur van het Auschwitz-Birkenau museum: ‘Uiteindelijk is erkenning van UNESCO vooral symbolisch.

Ik vraag me af of een plek op de werelderfgoedlijst een gedenkplaats kan beschermen tegen de opkomst van antisemitisme.’