Tweede Kamer akkoord. Nieuwe vermogenstaks per 2028 (bijna) een feit

Tweede Kamer debatteert over box 3. Beelden: ANP.

In dit artikel

De feiten: Tweede Kamer stemt voor verbouwing box 3

Bron: Tweede Kamer

De Tweede Kamer heeft donderdag 12 februari ingestemd met de nieuwe vermogenstaks. Dat betekent dat de belastingen over spaargeld en beleggingen per 2028 op de schop gaan.

Lees ook | Box 3: dit zijn de plannen van kabinet-Jetten in coalitieakkoord

Dat is dan wel onder de voorwaarde dat ook de Eerste Kamer voor half maart instemt. Anders hebben de Belastingdienst, maar ook zogenoemde ‘ketenpartners’ als banken en verzekeraars, te weinig tijd om hun systemen aan te passen aan de nieuwe wetssystematiek.

Nieuw box 3-stelsel in 2028?

Wordt het wetsvoorstel later dan maart aangenomen, dan wordt de wet minimaal een jaar later van kracht.

Het nieuwe stelsel levert het Rijk meer op dan het huidige. Elk jaar uitstel kost de schatkist naar verwachting 1 tot 2 miljard euro (de budgettaire gevolgen zijn erg onduidelijk). Vandaar de haast om het stelsel op tijd ingevoerd te krijgen.

Nieuw box 3-stelsel op hoofdlijnen

Het nieuwe stelsel bestaat uit een zogenoemde vermogenswinstbelasting voor beleggingen in vastgoed, start-ups en scale-ups. Jaarlijks moet 36 procent belasting worden betaald over eventueel ontvangen huur uit het vastgoed en dividenden.

Lees ook | Box 3: uitleg en tarieven voor 2025 en 2026

Onderhoudskosten voor het vastgoed en andere beleggingskosten mogen op die inkomsten in mindering worden gebracht.

Bij verkoop van het vastgoed en de aandelen moet worden afgerekend over de eventuele winst. Is er verlies, dan mag dat worden verrekend met vermogenswinsten in andere jaren.

Box 3: ook belasting op papieren koerswinsten

De hoofdregel is een zogenoemde vermogensaanwasbelasting. Die geldt voor alle andere beleggingen, zoals in aandelen, goud en bitcoins, maar ook spaargeld valt hieronder. Jaarlijks moet over rente- en dividendinkomsten worden afgerekend, maar ook over koerswinsten.

Lees ook | Deze forse veranderingen raken uw portemonnee in 2026: van pensioenen tot box 3

Ook al zijn het slechts papieren winsten, omdat aandelen of bitcoins niet zijn verkocht. Ook hiervoor is het tarief 36 procent, mogen kosten in aftrek worden gebracht en zijn verliezen verrekenbaar.

EW's visie: Van gemankeerd stelsel naar gemankeerd stelsel

Door: Jeroen van Wensen, redacteur macroeconomie

Een nieuw box 3-stelsel is broodnodig, want het huidige stelsel met de forfaitaire (fictieve) rendementen en de tegenbewijsregeling is een janboel. Het is alleen onverstandig dat de Tweede Kamer voor een halfslachtige oplossing heeft gekozen.

Lees ook | Box 3-wijziging blijft intact na eerste stemronde – dit staat er nu vast

De mix van een vermogensaanwasbelasting en winstbelasting maakt de wet al meteen wankel. Want waarom moet bij de ene belegging jaarlijks worden afgerekend met de fiscus, en bij de andere belegging pas bij verkoop?

Kamer kiest voor vermogensaanwasbelasting

De Tweede Kamer heeft omwille van budgettaire overwegingen gekozen voor een  vermogensaanwasbelasting die niet helemaal volledig is. Verliezen mogen namelijk alleen met toekomstige winsten worden verrekend.

Bij een voldragen aanwasbelasting hoort ook dat winsten met verliezen uit het verleden kunnen worden verrekend. Want stel dat een aandeel fors stijgt in 2028, maar flink daalt in 2029. In 2029 komt de belastingaanslag over 2028. Die is hoog.

Lees ook | Box 3 en belastingjaar 2025: zo bespaart u geld en dit verandert er

Intussen is de beleggingsportefeuille flink gekrompen, maar zullen er, om de aanslag te kunnen voldoen, mogelijk aandelen met verlies moeten worden verkocht. Bovendien is het vervolgens maar de vraag of iemand dat verlies ooit weer goedmaakt.

Dan is er belasting betaald over winsten die nooit zijn gerealiseerd.

Nog geen optimaal box 3-stelsel in zicht

Zowel het kabinet als de Tweede Kamer heeft gekozen om op termijn over te stappen op een volledige vermogenswinstbelasting. De aanwasbelasting moet op termijn weer verdwijnen.

Maar om budgettaire en uitvoeringstechnische redenen lukt het niet om meteen met een volledige vermogenswinstbelasting van start te gaan. Dat zou de overheid veel geld kosten en de Belastingdienst kan het niet aan.

Lees ook | Box 3, WMO, en vakantiehuizen: deze forse veranderingen raken uw portemonnee

Dus is ervoor gekozen om tijdelijk te werken met een vermogensaanwasbelasting – die ook nog is gemankeerd door de beperkte verliesverrekening.

Daardoor ontstaat de situatie dat de ene gemankeerde vermogenstaks wordt ingeruild voor de andere gemankeerde vermogenstaks. Met alle kans van dien op rechtszaken en afkalvend vertrouwen in de overheid.

Verdere verdieping: Huidig box 3-systeem piept en kraakt

Bron: Rijksoverheid

De discussie over een nieuw stelsel van heffingen over de inkomsten uit vermogen loopt al meer dan tien jaar, want het huidige stelsel voldoet niet meer.

Aan de ene kant moet de fiscus aan de hand van forfaitaire rendementen het belastbaar inkomen vaststellen: spaargeld levert volgens de wet altijd ongeveer 1,5 procent rente op en beleggingen leveren volgens de wet altijd ongeveer 6 procent op.

Tegenbewijsregeling box 3

Maar vervolgens kunnen spaarders en beleggers bij de fiscus met een tegenbewijsregeling aankloppen als rendementen in werkelijkheid lager zijn. Dan verlaagt de fiscus de belastingaanslag.

Dit systeem is onwerkbaar. De Belastingdienst heeft er veel werk aan, burgers hebben al snel (duur) advies nodig.

Verder lezen: Meer over box 3