Voorpublicatie

Campagnevoeren in Amerika, dat is keiharde business

15 oktober 2020

Floris Schreuder (1986) reisde voor zijn boek ‘We don’t do blues here’ meerdere keren door het Amerikaanse heartland, op zoek naar gewone en minder gewone Amerikanen. Langs Route 66 stopt hij samen met zijn vriendin Fiona in Albuquerque, waar hij met een chique Amerikaans stel aan de praat raakt en terechtkomt in een politieke campagne.

We komen er bijna niet tussen, zo druk hebben Victor en Anna het met vertellen. Wonderwel slaagt Fiona erin te vragen waar Victor en Anna vandaan komen. Victors roots liggen in Albuquerque, die van Anna in New York City.

Anna left New York City fifteen years ago after having worked in the fashion industry for most of her life,’ voegt Victor daar ongevraagd aan toe.

Dat had ik niet zien aankomen. Waarom zou je van het hippe New York City, waar alle hotemetoten uit de fashion industry jaarlijks bijeenkomen om hun nieuwe kledinglijn te showen, in godsnaam naar zo’n tegenpool verhuizen? ‘What brings someone who has lived in a vibrant city such as New York City to a place like this?’ informeer ik. De vraag brandt op mijn lippen.

9/11 brought me to Albuquerque,’ stamelt Anna na lang intern beraad.

Voor het eerst vanavond valt er een stilte. Zo eentje die je koste wat het kost wilt doorbreken, maar waarvan je absoluut niet weet hoe. Ik vervloek mijn directheid, tegelijkertijd gis ik naar de oorzaak van Anna’s vertrek uit New York City. Fiona’s afwezige blik verklapt dat zij precies hetzelfde doet. Tussen de bedrijven door dient de ober de antipasto op, saved by the bell. Zodra de laatste hap naar binnen is gegleden, pikken we het gesprek weer op waar we waren gebleven. Van 9/11 komen we uit bij Donald Trump, onvermijdelijk dezer dagen. De huidige president is al jaren gespreksonderwerp nummer één en blijft dat naar het zich laat aanzien nog wel even. Met 9/11 in het achterhoofd, vraag ik me af of we met Trump-stemmers aan tafel zitten. Als islamcriticus voel je je vast en zeker gehoord bij het staatshoofd. Zodra het onderwerp ter tafel komt, houden Victor en Anna een ongekend felle en gepassioneerde voordracht over hun geboorteland.

We sincerely apologize for that fool,’ zegt Anna vurig.

Anna has already participated in several anti-Trump protests,’ vult Victor aan. ‘That’s not for me… but I am damn proud at her for stepping up,’ voegt hij daar vergenoegd aan toe.

Victor stays at home on those days,’ verzekert Anna ons.

What do you guys think of Trump,’ stelt Victor de onafwendbare wedervraag.

Trump is a moron,’ bijt Fiona het spits af.

Haar directheid valt zichtbaar in goede aarde bij Victor en Anna.

I understand the rise of Trump,’ steek ik van wal.

Geen breed gedragen zienswijze, toch krijg ik van het liberale stel ruimte de gewaagde uitspraak nader toe te lichten. Mijn standpunten passen meer bij die van de Democratische Partij, begin ik met een positieve noot die de zorgelijke blik van zowel Victor als Anna enigszins doet bijtrekken. Dat ik pro-homowetgeving, pro-euthanasie, pro-abortus en tegen de huidige wapenwetgeving ben, doet het ook goed. Met iets meer vertrouwen hervat ik mijn betoog. Ik praat honderduit over de armoede in het binnenland en doe mijn beklag over de manier waarop beleidsmakers mensen volledig aan hun lot overlaten.

If you treat people like shit and ignore their will for decades, at the end of the day they will vote for Trump,’ probeer ik het stemgedrag tijdens de laatste verkiezingen te verklaren.

Alsof ze het zo afgesproken hebben, schudden Victor en Anna tegelijk driftig van ‘nee’. Leuk geprobeerd. Mijn poging als niet-Amerikaan de populariteit van Trump te duiden, is bij Victor en Anna mislukt.

Alsof het lot ermee speelt, worden we gered. Ditmaal door het hoofdgerecht. Lang kunnen we daar niet van genieten, we krijgen gezelschap van een groep Democraten met lichtblauwe buttons en petjes die het terras op komt daveren. De voorverkiezingen in New Mexico staan voor de deur en die gelegenheid wordt door de mannen aangegrepen om zieltjes te winnen. Dwars langs alle andere tafels baant de groep zich een weg richting Victor en Anna. We krijgen keurig een hand. We hebben met Pat Davis van doen, de naam van zijn assistenten ben ik een tel later alweer kwijt. In namen ben ik nooit een ster geweest, maar deze waren wel erg ingewikkeld. Zo mogelijk was de uitspraak nog complexer. Hollanders spreken over het algemeen een aardig woordje over de grens, komt het op de uitspraak van bepaalde plaatsnamen aan, dan gaat het geregeld mis. Wedden dat maar weinig mensen weten dat Tucson (Arizona) wordt uitgesproken als ‘too-sahn’ en Boerne (Texas) als ‘ber-nee’. Vanuit mijn stoel vraag ik Pat waarom hij geen campagnemateriaal uitdeelt. Met gratis gadgets scoor je immers punten.

We gave most of our yard signs away, but I think there are some left in the car, would you like to have one,’ biedt Pat aan.

Driftig knik ik met mijn hoofd als teken dat ik dolgraag zo’n bordje wil hebben. Ik mag dan geen tuin hebben, maar zo’n buitenkansje krijg ik natuurlijk nooit meer. Voor de jongste bediende in Pats campagneteam is mijn ‘ja’ het sein koers te zetten naar de auto. Pat heeft zijn team goed afgericht, niet veel later sta ik met een groenblauw campagnebord in mijn handen waarop met witte koeienletters ‘Pat Davis, progressive for Congress’ gedrukt is. Ik til het bord aan de dunne, ijzeren handvaten op, tot hilariteit van de andere gasten op het bomvolle terras. Met een vuurrode kop laat ik het bord zakken, alle ogen zijn ineens op mij gericht en daar houd ik absoluut niet van. Laat Pat maar lekker in de spotlights staan.

We are glad to see that we can count on some Dutch support as well although it won’t help us during the elections in a few weeks from now,’ schaterlacht Pat.

We praten verder over koetjes en kalfjes. Dan is het tijd geworden om door te gaan. Het team heeft een waslijst met restaurants af te werken. De kandidaat-lijsttrekker van de Democratische Partij is het terras nog niet af of hij wordt al bekritiseerd.

Pat may be gay, but he ain’t that progressive at all,’ hoont Anna.

De stem van Victor en Anna zal hij over een paar weken in elk geval niet krijgen. Ik voel me er een beetje ongemakkelijk bij. Anna zat dan wel voorovergebogen naar ons toe, maar met haar toonhoogte moet Pat haast wel iets van de rotopmerking hebben opgevangen. Petje-af als je dan zo koel blijft. In de Verenigde Staten moet je niet alleen een dikke huid hebben wil je het als politicus redden, het is vooral zaak om je de kunst van het negeren snel meester te maken. Pat beheerst alle facetten van het vak, de stem van een tweetal vooruitstrevende Amerikanen zal hij er evenwel niet mee binnenhalen. Daar kijk ik van op, zeker omdat Pat rechtstreeks op het koppel was afgestapt en de andere mensen op het terras volkomen had genegeerd. Victor en Anna vertolken een bijzondere rol binnen Albuquerque’s hechte gemeenschap, denk ik bij mezelf als we tegen middernacht met een dikke omhelzing afscheid van elkaar nemen.

‘Wat een warme en hartelijke mensen waren dit,’ zeg ik tegen Fiona.

‘Alleen voor Pat waren ze wat minder vriendelijk,’ vat Fiona het slot van de avond goed samen.

We stappen de Uber in, op weg naar het motel dat – hoe kan het ook anders – direct gelegen is aan de oude Route 66.

Floris Schreuder studeerde Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit Utrecht en is momenteel werkzaam als bedrijfsjurist. We don’t do blues here is zijn eerste boek. Het is verkrijgbaar via Bruna.nl en in uw lokale boekhandel.