Robbert de Witt

Politici persoonlijk kunnen uitschelden bewijst dat een land vrij is

09 januari 2020

Zoals in brandend Australië weer eens blijkt, kunnen burgers grof en ongemanierd zijn. Maar soms is hun woede heel begrijpelijk, of zelfs terecht. In een vrije, democratische samenleving moet je die woede mogen uiten, schrijft Robbert de Witt.

Hotel- en restauranteigenaren in Taiwan hadden zich flink misrekend, toen hun regering met Peking had afgesproken dat er voortaan veel meer Chinese toeristen van het vasteland het eiland mochten bezoeken. Handenwrijvend werd uitgekeken naar de komst van tienduizenden welvarende Chinese toeristen, allemaal klaar om hun yuans daar uit te geven.

Robbert de Witt

Robbert de Witt (1978) is Buitenlandredacteur bij Elsevier Weekblad. Hij blogt wekelijks op donderdag over mondiale ontwikkelingen en de gevolgen ervan voor Nederland en Europa.

Maar wat bleek? Veel Chinese toeristen bleven ’s avonds op hun hotelkamer in plaats van hun geld te laten rollen. Want daar zagen ze op de Taiwanese televisie politici die fel met elkaar in discussie gingen. En die, nog opmerkelijker voor de toeristen uit het communistische en autoritaire China, met gewone kiezers het debat aangingen.

Een afgang voor premier Morrison

De Chinese Communistische Partij hield burgers altijd voor dat democratie, zoals in Taiwan, chaotisch is en leidt tot wanorde. En inderdaad, dat is vaak ook zo. In een democratie moeten bestuurders verantwoording afleggen aan het volk. Tijdens verkiezingen, maar ook op straat. En dat ziet er niet altijd fraai uit.

Zoals recent in het brandende Australië, waar premier Scott Morrison – net als iedere regeringsleider in zo’n crisissituatie – zich betrokken moet tonen. Het onthaal in het plaatsje Cobargo in de getroffen deelstaat New South Wales, was ronduit een afgang voor de premier.

‘You’re not welcome here, fuckwit!’ schreeuwde een inwoner hem na, op het moment dat Morrison te midden van de scheldende en furieuze dorpelingen al heeft ingezien dat hij beter zijn biezen kan pakken.

Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. De volgende cookies zijn nodig: marketing. Wijzig uw instellingen om deze content te zien.

Een hit op Twitter

Het is niet lastig om meer voorbeelden te vinden van zulke confrontaties tussen kiezer en gekozene. Recent was er bijvoorbeeld de pijnlijke ontmoeting van Boris Johnson tijdens zijn verkiezingscampagne met een heel nette landgenoot – zeker in vergelijking met de ruwe wijze waarop Australiërs hun ongenoegen kenbaar maken. ‘Verlaat alsjeblieft mijn stad,’ zegt de Britse burger. Het filmpje werd een Twitter-hitje, vanwege de typische en bewonderenswaardige Britse ingetogenheid. Overigens is Johnsons snelle antwoord bijna even sterk, en typerend ad rem: ‘Doe ik, weldra.’

Een van Johnsons voorgangers – Labour-leider Gordon Brown – had ook zo’n confrontatie met een kiezer, toen hij in 2010 op campagne was in Rochdale. Een vrouw die altijd op Labour stemde, klaagt minutenlang over het regeringsbeleid, en haalt daar ook nog eens de komst van Oost-Europese migranten bij. Brown geeft, nogal geforceerd glimlachend, aan hoe zijn plannen de grieven van de vrouw zullen wegnemen.

Eenmaal terug in zijn dienstwagen realiseert Brown zich niet dat zijn microfoontje nog aanstaat, en noemt hij de ontmoeting ‘een ramp’. En de vrouw vindt hij ‘bigoted’, bekrompen. Als dat bekend wordt, ziet Brown zich gedwongen zijn campagnetoer te onderbreken, om zijn excuses aan te bieden aan deze ene kiezer.

Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. De volgende cookies zijn nodig: marketing. Wijzig uw instellingen om deze content te zien.

Nog een pijnlijke aanvaring: de Franse president Nicolas Sarkozy die tijdens een werkbezoek wordt uitgescholden door een visser. Sarkozy moet in bedwang worden gehouden om niet met hem op de vuist te gaan. Sarkozy wordt weggeleid, niet de schreeuwende visser.

Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. De volgende cookies zijn nodig: marketing. Wijzig uw instellingen om deze content te zien.

Zware mannen met oortjes nemen je mee

Ongetwijfeld bevestigen deze incidenten de zienswijze van Chinese communisten dat je dit soort praktijken als bestuurder liever niet ziet. En ongetwijfeld zouden de betrokken westerse politici zulke confrontaties ook zelf liever vermijden.

Want burgers kunnen, ook oog in oog met hun leiders, bijzonder onfatsoenlijk, grof en ongemanierd zijn. Maar soms is hun woede heel begrijpelijk, of zelfs terecht. In een vrije, democratische samenleving kun je die woede uiten en mág je die uiten.

In de meeste landen op aarde kun je dit ook best proberen – áls je al in de buurt komt van de machthebber natuurlijk – maar weet je hoe dat vervolgens afloopt: een paar zware mannen met oortjes nemen je mee voor wat vragen en de rest van je dagen slijt je in de cel.

Ingelogde abonnees van EWmagazine kunnen reageren
Bij het plaatsen van een reactie geldt een aantal voorwaarden. Klik hier voor de voorwaarden.