Jan Latten Premium Corner

Komt solidariteit van ouders jegens hun kinderen in het gedrang?

07 augustus 2021Leestijd: 5 minuten

Jonge mensen willen vaak nog maar één of twee kinderen, wat leidt tot krimpende families. Dat laat volgens demograaf Jan Latten de tijdgeest niet ongemoeid. Zie de erfbelasting: de samenleving vindt solidariteit in de vorm van gelijke kansen inmiddels belangrijker dan solidariteit binnen families.

Ongemerkt geven we als collectiviteit steeds minder om het aantal nakomelingen. In 1960 werden er nog 239.000 kinderen in Nederland geboren, vorig jaar 169.000. Dat komt neer op circa 1,6 kind per koppel. De komst van de pil midden jaren zestig heeft alles veranderd. Kinderen zijn sindsdien een optie. Het kan, maar hoeft niet. En als je kinderen wilt, kan één kind genoeg zijn.

Jan Latten (1952) is emeritus hoogleraar sociale ­demografie en actief publicist, spreker en duider van trends op het snijvlak van demografie en maatschappij. Eerder was hij hoofddemograaf van het Centraal ­Bureau voor de Statistiek. Hij schrijft op ewmagazine.nl beschouwingen over belangrijke demografische thema’s.

Gemiddelde aantal kinderen is al decennia minder dan twee

Omdat de meeste gezinnen het houden bij een of twee kinderen is het gemiddelde al decennia lager dan twee. Begin jaren zeventig was het gemiddeld kindertal al gezakt naar 1,8. Ofwel: 200 babyboomers kregen toen samen circa 180 kinderen. Als wordt uitgegaan van dat fictieve cohort, dan vormden de 180 kinderen rond het millennium 90 nieuwe koppels. Zij schonken de 200 grootouders rond het millennium 90 x 1,7 = 163 kleinkinderen. Dit voorbeeld toont de dalende trend:  van 200 naar 180 naar ruim 160 in drie generaties.

Het betekent concreet dat gemiddeld al decennialang elke nieuwe generatie het aantal nakomelingen verder reduceert tot ver onder een vervangingsniveau van twee kinderen per koppel. Gemiddeld krimpen families van generatie op generatie steeds meer. Aankomende opa’s en oma’s wachten smachtend op hun eerste, en soms enige, kleinkind.

De bevolking blijft toch groeien doordat immigranten het aantal koppels aanvullen. Die aanhoudende bevolkingsgroei verklaart wellicht waarom er nog weinig aandacht is voor de maatschappelijke gevolgen van krimpende families. Een gevolg kan zijn dat politieke aandacht voor solidariteit tussen generaties in familieverband afneemt.

‘Verticale’ familiesolidariteit staat onder druk

Solidariteit met toekomstige nakomelingen – wat ik de ‘verticale solidariteit’ noem – komt onder druk te staan. De aandacht verschuift naar een nieuwe vorm van collectieve solidariteit. De opkomende gelijkheidsobsessie wil zo min mogelijk verschil tussen de leden van een nieuwe generatie. Iedereen van de nieuwe generatie moet gelijke kansen hebben en gelijk verzorgd zijn, ongeacht of ouders daarin beter zijn geslaagd of niet. Je zou dit ‘horizontale’ solidariteit kunnen noemen.

Uiteraard zijn gelijke kansen een belangrijk streefdoel. Maar het is een zwakte om dat ten koste te laten gaan van de ‘verticale’ solidariteit. De actuele discussie over erfbelasting laat zien dat dit toch gebeurt. Dat zegt iets over de tijdgeest.

Voorstanders verhoging erfbelasting zien erven als onrechtvaardig

Degenen die erfenissen van kinderen zwaarder willen belasten, benadrukken dat ervende kinderen een betere start hebben dan andere. Ze zien erven als onrechtvaardig en wijzen de ‘verticale’ solidariteit af. Het zou oneerlijk zijn ten opzichte van kinderen die niet erven. Het zou ongelijkheid veroorzaken.

Zeker, de een is beter verzorgd dan de ander. Maar zo worden erfenissen van kinderen wel in een schimmig licht geplaatst. Feitelijk heeft de helft van de kinderen die in 2018 over een erfenis belasting verschuldigd waren minder dan 31.500 euro netto ontvangen (mediane waarde). Als ze van dat geld een auto zouden kopen, gaat alsnog een groot deel naar de belasting. Desondanks worden erfenissen nu aangegrepen als boosdoener voor opkomende vermogenskloven.

Zo zwengelde het wetenschappelijk bureau van de VVD het debat over erfbelasting aan door te zeggen dat erfenissen zwaarder zouden moeten worden belast, omdat erfgenamen onterecht een voorsprong op anderen zouden krijgen. Zelfs het familiebedrijf kan de dupe worden van een dergelijke opvatting. Het ministerie van Financiën stelde begin dit jaar beperking van gunstige opvolgingsregelingen voor die het kinderen gemakkelijker maken om het familiebedrijf over te nemen.

Laden…

Word abonnee en lees direct verder

Al vanaf € 9,- per maand leest u onbeperkt alle edities en artikelen van EW. Bekijk onze abonnementen.

Verder lezen?

U hebt momenteel geen geldig abonnement. Wilt u onbeperkt alle artikelen en edities van EW blijven lezen? Bekijk dan onze abonnementen.

Bekijk abonnementen

Er ging iets fout

Uw sessie is verlopen

Wilt u opnieuw

Premium Corner

Ingelogde abonnees van EWmagazine kunnen reageren
Bij het plaatsen van een reactie geldt een aantal voorwaarden. Klik hier voor de voorwaarden.

Reacties die anoniem worden geplaatst of met een overduidelijke schuilnaam zullen door de moderator worden verwijderd, evenals reacties die niets met het onderwerp van het artikel te maken hebben. Dit geldt evenzeer voor racistische of antisemitische reacties. De moderator handelt in opdracht van de hoofdredacteur.