De opmars van vrouwen in de top van het Nederlandse bedrijfsleven is onmiskenbaar, blijkt uit onderzoek van EW bij 50 grote ondernemingen.
EW deed dat onderzoek bij de 30 AEX-hoofdfondsen en 20 van de grootste bedrijven uit de EW Top 500. In totaal hebben die bedrijven 363 topfuncties, waarvan er 98 door vrouwen worden bekleed. Dan gaat het om CEO’s, financiële directeuren en andere leden van raden van bestuur, directies en executive en management boards.
Die uitkomst is veel positiever dan bij de bekende Female Board Index die hoogleraar corporate governance Mijntje Lückerath-Rovers elk jaar samenstelt. De laatste editie van die index, uit september 2025, geeft aan dat 17 procent van de bestuurders vrouw is. Het EW-onderzoek komt uit op 27 procent.
Veel vrouwelijk talent net onder de top
Dat verschil is te verklaren. Lückerath-Rovers onderzoekt enkel beursgenoteerde bedrijven en – per onderneming – een kleiner aantal bestuurders. Vaak alleen de twee of drie leden van raden van bestuur. Dat zijn (nog) vooral mannen.
EW keek ook naar de managementlagen daar net onder. Dat geeft een breder beeld. Juist daar werken relatief veel vrouwen. De pijplijn naar de absolute top is goed gevuld.
En daar zitten ‘zeker talenten tussen met de competenties om CEO te worden’, aldus Herna Verhagen (59), voormalig CEO van PostNL, tegenwoordig commissaris bij ING en Philips.
EW telt acht vrouwelijke CEO’s. Twee op de beurs, zes bij Top 500-bedrijven. Bij de niet-beursgenoteerde ondernemingen uit de Top 500 dringen vrouwen sowieso vaker door tot de absolute top.
Welke bedrijven blinken uit?
De bekendste vrouwelijke CEO is Nancy McKinstry, al sinds 2003 de baas van informatieleverancier Wolters Kluwer. De 67-jarige Amerikaanse maakt vlak voor haar pensioen (op 1 maart) zware tijden mee. De beurskoers van het bedrijf is het laatste jaar dramatisch gedaald. Aan haar opvolger, de eveneens Amerikaanse Stacey Caywood, de taak om het vertrouwen onder beleggers te herstellen.
Lees ook de EW Economie-lezing 2022 van Nancy McKinstry: Impact hebben als het erop aankomt
De tweede vrouwelijke CEO op de beurs is de Française Marguerite Bérard van ABN AMRO. De zes CEO’s van de 20 bedrijven uit de Top 500 zijn Bianca Tetteroo (Achmea), Marjo Vissers-Kuijpers (VGZ), Hajir Hajji (Action), Marjan Rintel (KLM), Manon van Beek (TenneT) en Philippine Risch (Bank Nederlandse Gemeenten).
Bedrijven die uitblinken zijn – naast Wolters Kluwer en ABN AMRO – verzekeraar ASR Nederland, telecombedrijf KPN en technologiebedrijf Philips, met evenveel vrouwen als mannen in de top.
Het vrouwenquotum is een ijkpunt geworden
De opmars is mede het gevolg van de op 1 januari 2022 ingevoerde Wet ingroeiquotum en streefcijfers. Dat quotum, ook wel ‘vrouwenquotum’, bepaalt dat bij beursgenoteerde bedrijven de raad van commissarissen voor minimaal eenderde uit vrouwen en minimaal eenderde uit mannen moet bestaan.
De meeste grote ondernemingen – ook de niet-beursgenoteerde, blijkt uit het EW-onderzoek – voldoen aan dat quotum voor hun raden van commissarissen. Voor veel bedrijven is het quotum een ijkpunt geworden voor de samenstelling van hun raden van bestuur en andere hoge managementlagen.
Bij de wet hoort dat ze voor de top streefcijfers opstellen en die met een plan van aanpak rapporteren in het openbare diversiteitsportaal van de Sociaal-Economische Raad (SER). Geen enkel bedrijf wil nog te boek staan als een gesloten mannenbolwerk.
‘Een compleet homogeen samengestelde raad van bestuur of commissarissen wordt tegenwoordig gênant gevonden. Bestuurders worden daar ook intern op aangesproken,’ zegt Lückerath-Rovers (57).
Veel buitenlandse vrouwen in de top
Wat valt op bij die ‘nieuwe’ vrouwen? Net als bij de mannen is bij de vrouwen goed te zien hoe internationaal het topmanagement van vooral de beursgenoteerde bedrijven is samengesteld. Van de 98 vrouwen die EW telt, hebben er 52 een buitenlandse nationaliteit – ruim de helft.
Kijk naar de top van technologieconcern Philips. De enige Nederlandse van zeven vrouwen is Charlotte Hanneman, de chief financial officer (CFO). Vijf vrouwen komen uit de Verenigde Staten, China, Singapore, Turkije en België. Eentje heeft zowel de Amerikaanse als Chinese nationaliteit.
Jolanda Poots-Bijl, CFO van supermarktbedrijf Ahold Delhaize, heeft in het executive committee twee vrouwelijke collega’s: de Britse Alex Holt en de Wit-Russische Natalia Wallenberg. Machteld de Haan, bij Shell verantwoordelijk voor onder meer hernieuwbare energie, wordt in de top van dat concern vergezeld door drie Britse vrouwen.
Meeste vrouwelijke buitenlandse bestuurders komen uit de VS
ING en Heineken, twee oer-Hollandse bedrijven, hebben geen enkele Nederlandse vrouw onder de allerhoogste managers. De bank heeft wel een Kroatische en een Turkse in dat echelon. Bij de bierbrouwer werken een Australische en een Venezolaanse.
Van die 52 buitenlandse vrouwen komen de meeste – vooral dankzij Wolters Kluwer – uit de Verenigde Staten (elf), gevolgd door het Verenigd Koninkrijk (acht). Daarna komen Turkije en Zweden met elk drie vrouwen.
Anders dan bij de mannen, waar het barst van de Fransen, zijn er maar weinig Françaises onder de topbestuurders: twee. Eerdergenoemde Bérard van ABN AMRO en – al doet haar naam anders vermoeden – Yang Xu, CFO van koffiebedrijf JDE Peet’s.
Ondernemingen met alleen Nederlandse vrouwen in de top zijn er ook, waaronder KPN, de verzekeraars NN Group, Achmea en VGZ, Rabobank, zuivelcoöperatie FrieslandCampina (allemaal hebben ze er drie) en bouwbedrijf Koninklijke BAM Groep (twee).
Veel topvrouwen doen human resources
De 98 vrouwen uit het EW-onderzoek hebben heel diverse portefeuilles. Naast de acht CEO’s zijn er divisie- en regiodirecteuren, chief operating officers, marketingdirecteuren en juridische en risicomanagers. Toch springen er twee portefeuilles uit.
Liefst twintig vrouwen zijn verantwoordelijk voor human resources. Zoals de Wit-Russin Wallenberg (Ahold Delhaize), de Poolse Edyta Jakubek (techbedrijf ASM International), de Britse Rose Thomson (RELX) en de Nederlandse vrouwen Mieke van de Capelle (biotechbedrijf DSM-Firmenich), Janine Vos (Rabobank) en Patricia Snel (FrieslandCampina).
En zeven vrouwen zijn CFO. Naast eerdergenoemde Hanneman (Philips), Poots-Bijl (Ahold Delhaize) en Xu (JDE Peet’s) zijn dat Annemiek van Melick (NN Group), de Zwitserse Andrea Kopp-Battaglia (chipmachinefabrikant Besi), de Britse Sinead Gorman (Shell) en de Zweedse Cindy Andersen (woonwinkelgigant IKEA).
Bij Ahold Delhaize, NN Group, Philips en Shell worden beide topposities vervuld door een vrouw. Zij gaan over de mensen en de centen, twee van de belangrijkste pijlers onder elke onderneming.


