Op maandag 16 maart werd weer een gemeenteraadsvergadering verstoord, ditmaal in Nuenen. Op de planning stond de komst van een asielzoekerscentrum. Voor veel partijen is het tegenhouden van deze centra een belangrijk thema. Maar welke invloed heeft een gemeente?
Uit een eerdere inventarisatie van Trouw bleek dat gemeenteraden steeds vaker worden verstoord, en dat dit het vaakst gebeurd als asiel en migratie worden besproken.
En zelfs als dit thema niet wordt besproken, zijn er protesten. In Bergen op Zoom werd een commissievergadering over onderhoud van het stadspaleis verstoord door zeventig mensen van Actiegroep Comité geen AZC. Het was aangekondigd dat de demonstratie buiten zou zijn, dus was het schrikken voor de commissieleden toen de demonstranten binnenkwamen.
Afgelopen december hing er een spandoek in Wouw met de tekst: ‘Hier geen azc’, en was er een petitie gestart. Maar de gemeente heeft helemaal geen plannen voor een azc. ‘Ik snap niet waar de geruchten vandaan komen,’ zei wethouder Paul de Beer.
Wat kan een gemeente doen bij het asieldebat?
Een gemeente heeft invloed op de invulling van de opvang van asielzoekers. Dat betekent kiezen voor grootschalige opvang, of meerdere kleine locaties verdeeld over de gemeente. Deze worden bijna altijd beheerd door het COA (Centraal Opvangorgaan Asielzoekers).
Maar het is de Spreidingswet die bepaalt hoeveel asielzoekers een gemeente moet opvangen. De criteria zijn onder meer inwoneraantal en oppervlakte van een gemeente. Op dit moment voldoen weinig gemeenten aan het minimale aantal asielzoekers dat moet worden opvangen.
Onlangs riep minister van Asiel en Migratie Bart van den Brink (CDA) gemeenten op om meer asielzoekers op te vangen.
Hebben inwoners inspraak?
Inwoners hebben geen invloed op óf de gemeente asielzoekers opvangt. Wel kiezen steeds meer gemeenten voor burgerparticipatie, waarbij inwoners worden meegenomen in de totstandkoming van een opvang.
Dat kan op verschillende manieren. In Nijkerk bijvoorbeeld heeft de gemeente een enquête voorgelegd aan de bewoners. Ze konden stemmen welke locatie hun voorkeur heeft.
De enquête is niet bindend, maar adviserend. Het is daarom de vraag of deze oplossing niet slechts de schijn wekt van participatie. Als dat het geval is kan het vertrouwen in een gemeente en in een asielzoekerscentrum alleen afnemen. Het is aan de gemeente om het advies van burgers serieus te nemen.
Op 18 maart kunnen bewoners van de gemeente Haaksbergen stemmen voor de gemeenteraadsverkiezingen, maar ook stemmen over de opvang van asielzoekers. Het gaat nadrukkelijk niet over óf, maar hoe: grootschalig of kleinschalig, locatie en over het plan over een paar jaar.
Experimentele opvang zonder COA
Een aantal gemeenten kiest ervoor om de opvang te regelen zonder hulp van het COA, maar die projecten zijn nog in ontwikkeling. Zoals in Steenbergen, waar ze een grootschalige opvang met het COA hebben uitgesloten. Uit een enquête door de gemeente bleek dat inwoners zich zorgen maakten over een mogelijke grootschalige opvang.
Staphorst wilde een vergelijkbare weg bewandelen, maar kwam tot de conclusie dat de beoogde locatie niet geschikt was. De gemeente is verplicht honderd asielzoekers op te vangen, maar ze vindt de middelen die ze krijgt vanuit het Rijk niet toereikend.
Wat als een gemeente zich niet aan de Spreidingswet houdt?
Als gemeenten niet meewerken met de opvang van asielzoekers, geeft de Spreidingswet het Rijk de bevoegdheid de opvang zelf te regelen, zonder medewerking van de gemeente.
Vanaf juli 2025 controleert het ministerie van Justitie en Veiligheid of gemeenten voldoen aan de Spreidingswet. Als dit niet het geval is, gaat het ministerie te werk volgens het volgende stappenplan:
Interventieladder
1. Signaleren: Het Rijk signaleert dat een gemeente mogelijk haar wettelijke taak niet uitvoert.
2. Informatie opvragen: De minister vraagt informatie op bij de gemeente om te controleren of het signaal klopt.
3. Afspraken maken: Het Rijk en de gemeente maken afspraken over welke acties de gemeente moet ondernemen om de wet alsnog uit te voeren.
4. Vooraankondiging indeplaatsstelling: De minister kondigt aan dat er een indeplaatsstelling kan volgen als de gemeente de wet niet uitvoert.
5. Indeplaatsstelling met termijn: De minister besluit tot indeplaatsstelling, maar geeft de gemeente nog een termijn om het zelf te regelen.
6. Daadwerkelijke indeplaatsstelling: De minister neemt het besluit in plaats van de gemeente en beslist zelf waar de opvanglocatie komt.
Onduidelijkheid bij gemeenten
De Spreidingswet komt van toenmalig staatssecretaris voor Asiel en Migratie Eric van den Burg (VVD). In 2023 viel dat kabinet omdat de partijen het niet eens werden over strengere asielmaatregelen. Het was de vraag of de Spreidingswet doorgang kon vinden of dat deze werd ingetrokken.
Op 1 februari 2024 trad de Spreidingswet toch in werking. Marjolein Faber (PVV) werd minister van Asiel en Migratie en kondigde aan de Spreidingswet in te trekken, wat hard aankwam bij veel gemeenten die al bezig waren met het realiseren van opvang. Ze klaagden over de onbereikbaarheid van Faber, en spraken over een verstoorde relatie met Den Haag.
Belangrijk voor kiezers op woensdag 18 maart is dat gemeenten dus geen keuze hebben om wel of geen asielzoekers op te vangen. Ze hebben zich te houden aan de Spreidingswet en het kabinet-Jetten zegt vast te willen houden aan deze wet. Hooguit kan met burgerparticipatie – mits zorgvuldig uitgevoerd – het draagvlak voor gemeentelijke plannen worden vergroot.
