Leo Kwarten

De vrouwvriendelijke dictators in het Midden-Oosten

22 september 2020

Bouthaina Shaaban is al twintig jaar invloedrijk als de politiek adviseur van de Syrische president Bashar al-Assad. En tegelijkertijd de meest geëmancipeerde vrouw in het Midden-Oosten, ziet Leo Kwarten.

‘Ach, ik ben al zo vaak met de dood bedreigd,’ zegt de vrouw die tegenover me zit. Op hetzelfde moment doet de splijtende inslag van een vatbom haar kantoor in Damascus op zijn grondvesten schudden. Onze kopjes rinkelen op hun schoteltjes. In haar blauwe jurk en met die grote uilenbril op haar neus ziet Bouthaina Shaaban er goed uit voor haar zestig jaar. ‘Maar ontvoering is erger,’ gaat ze verder alsof er niets is gebeurd. ‘Dan ga ik nog liever dood. Weet je, als je familie niet binnen 24 uur betaalt, dan knippen ze een voor een je vingers af om de druk op te voeren.’ Ze trekt een vies gezicht.

Leo Kwarten

Leo Kwarten is arabist en antropoloog. Als zelfstandig gevestigd adviseur werkt hij voor bedrijven die opereren in het Midden-Oosten. Daarnaast publiceert hij over politiek en religie in de regio.

Het is 18 september 2013. De buitenwijken van de Syrische hoofdstad zijn in handen van rebellen en worden onophoudelijk gebombardeerd. Ook het regeringsgebied is onveilig. Elke dag worden mensen gekidnapt. Het regime van Assad wankelt. Vele topfunctionarissen zijn al overgelopen naar de oppositie. Ook Shaaban is benaderd, zegt ze, door de Britten. ‘Ze boden me van alles: een veilige vluchtroute, een huis, geld. Toen ik weigerde, zetten ze me voor straf op de EU-sanctielijst. Maar ik wil geen vluchteling zijn, iemand zonder vaderland.’ Ze peinst even en zegt dan: ‘Ik denk dat ik de juiste beslissing heb genomen.’

Al twintig jaar invloedrijk als politiek adviseur

Als Bouthaina Shaaban was overgelopen, zou dat een triomf zijn geweest voor de vijanden van Assad. Al twintig jaar is zij invloedrijk als zijn politiek adviseur. Maar bovenal geldt ze als het moderne gezicht van het regime: charmant, intellectueel, gepromoveerd aan een Britse universiteit op de gedichten van P.B. Shelley. Voordat in 2011 de oorlog uitbrak, was zij de lieveling van westerse diplomaten en journalisten in Damascus die graag koketteerden met een contact in de ondoordringbare Syrische top en die opgewonden keften bij elke kluif die Shaaban ze toewierp, hoe selectief die ook was.

Nu geldt ze als de lakei van een crimineel regime met wie niemand wil worden gezien.

De meest geëmancipeerde vrouw in het Midden-Oosten

Misschien nóg belangrijker is dat Shaaban internationale faam geniet als de meest geëmancipeerde vrouw in het Midden-Oosten. Onder de titel Both Right and Left Handed (1988) schreef ze een indringende bestseller over het mistroostige leven van Arabische vrouwen in een hardvochtige, masculiene wereld. Zo beschrijft ze hoe ze als veertienjarige op weg naar school haar klasgenoot Aziz tegenkomt met in zijn hand een bebloed mes. ‘Ik heb mijn zus gedood en de familie-eer gered!’ roept hij vrolijk. Aziz krijgt zes maanden cel. Na afloop wordt hij onthaald als een held.

Het incident vormt Shaaban. Afkomstig uit een kansloos gezin, klopt ze als achttienjarig meisje in 1971 aan bij de militaire academie in Homs met de woorden: ‘Ik wil president Hafez al-Assad spreken.’ Ze eist een plaats aan de universiteit. Onder de indruk van haar lef besluit Assad – de vader van de huidige president – haar te helpen. Shaaban klimt op tot zijn persoonlijke tolk. Ze is er bij als Assad senior in 2000 onderhandelt met de Amerikaanse president Bill Clinton over de teruggave van de door Israël bezette Golan. Ze ziet ook hoe hij de kans op een historisch akkoord verprutst door te gaan muggenziften over een grenscorrectie van 66 hectare.

‘Karakteristiek voor mannen van zijn generatie,’ zegt Shaaban nu: ‘Hij wilde winnen.’

Heldin van de internationale emancipatiebeweging

Shaaban werd de heldin van de internationale emancipatiebeweging. Haar leven als Arabische vrouw die haar eigen keuzes maakt, is in 2008 verfilmd door Ziad Hamzeh onder de titel Woman en beloond met een Gouden Palm. Als spreker op conferenties over vrouwenrechten zat je met Shaaban altijd goed. Zij was immers de gevierde wegbereider die taboes als voorhuwelijkse seks, lesbianisme en eerwraak bespreekbaar maakte. Ze liet zien dat je zowel een goede moeder als een carrièrevrouw kan zijn. Maar dat het woord democratie niet voorkwam in Shaabans woordenboek, daarover hoorde je niemand.

Het is een ongemakkelijke waarheid: vrouwenemancipatie en seculiere dictators gaan goed samen in het Midden-Oosten. De sjah van Iran, Kemal Atatürk, Saddam Hoessein en de Assads: we kennen ze als brute autocraten, maar ook als hervormers als het gaat om vrouwenrechten. Ze brachten gratis onderwijs voor meisjes, verbeterden de rechtspositie van vrouwen, boden ontplooiingsmogelijkheden. Een vrouw in Damascus is vrij te dragen wat ze wil of op een terras een waterpijp te roken omdat ze daar zin in heeft. Vrouwelijke managers die mannelijke werknemers aansturen zijn in Syrië geen uitzondering.

Dictatuur die dertienduizend vrouwen gevangen houdt

Dat is tevens de tragiek van Shaaban. Syrische vrouwen zoals zij hebben geprofiteerd van een in de grond vrouwvriendelijk regime. En nu steunen ze een dictatuur die dertienduizend vrouwen gevangen houdt, omdat ze de oppositie zouden steunen. Weggestopt met hun kinderen in kerkers, gefolterd en overgeleverd aan de willekeur van sadistische mannelijke cipiers. Hun verhalen – zoals opgetekend door mensenrechtenorganisaties – zijn scènes die zo uit Shaabans boek hadden kunnen komen.

Ik heb nog steeds een exemplaar van Both Right and Left Handed in de boekenkast staan. Voorin staat: ‘For Leo, affectionately, Bouthaina.’ Hoe dan ook, een steengoed boek.

Ingelogde abonnees van EWmagazine kunnen reageren
Bij het plaatsen van een reactie geldt een aantal voorwaarden. Klik hier voor de voorwaarden.