De paniekparade: parkinson, plastic, pesticiden en PFAS

De Parkinson Vereniging, organisatie Natuur & Milieu en vakbond FNV organiseren een landelijke manifestatie tegen het gebruik van pesticiden in de gewasbescherming. (Foto ANP).

De angst voor microplastics, PFAS, pesticiden en parkinson is grotendeels gebaseerd op overschatte metingen en kritiekloze berichtgeving. Door extreem gevoelige meetmethoden worden minieme risico’s opgeblazen tot maatschappelijke paniek, schrijft Simon Rozendaal.

U slikt een creditcard per week! Minuscule flintertjes kunststof belanden in uw placenta, in uw teelballen! Oh, wat zijn we de afgelopen jaren bang gemaakt voor microplastic. Kranten hadden het over een plastic lepeltje aan onzichtbaar gruis in de hersenen.

Oeps.

De angst voor microplastic en parkinson

De gebruikte meetmethode maakte bij nader inzien geen onderscheid tussen vet en plastic. Een Duitse chemicus noemde het onderzoek naar plastic in de hersenen dan ook een ‘grap’.

Een publicatie van de universiteit van Wenen in Nature becijferde de overschatting van de milieuschade door microplastic op ‘twee tot vier orden van grootte’. Lees: de vervuiling is honderd tot tienduizend maal zo klein als gedacht.

En oh, oh, oh, wat zijn we bang gemaakt voor parkinson. Er is een explosie van deze hersenziekte, zei Bas Bloem, hoogleraar neurologie in Nijmegen, en dat komt door pesticiden en luchtvervuiling.

Juiste vragen worden niet gesteld

Veelvuldig zat hij in talkshows en door alle kranten is hij geïnterviewd. Geen journalist was kritisch. Nee, zelfs de wetenschapsjournalisten bij de ‘kwaliteitskranten’ niet.

Niemand stelde vragen als: u weet natuurlijk veel van hersenziekten, maar bent u wel goed geïnformeerd over de spectaculaire vergroening van pesticiden? Luchtvervuiling is de afgelopen decennia sterk gedaald, hoe kan dit dan een oorzaak zijn van een stijging in parkinson?

Trouwens, die toename kan toch ook komen doordat we dertig jaar langer leven dan een eeuw geleden, professor?

Toch geen correlatie met pesticiden

Maar nee hoor, de parkinson-professor werd overal op het schild gehesen. Tot twee weken geleden. Toen ging Bas Bloem met de billen bloot. Uit een nieuwe kaart, bekende hij met collega’s in The Lancet, blijkt helemaal geen correlatie met pesti­ciden.

Lees ook | Hoe groene gekkies fruit feitenvrij verdacht maken

In gebieden waar veel bestrijdingsmiddelen worden gebruikt (de bloembollenteelt in Noord-Holland, de fruitteelt in de Betuwe) is niet meer, maar zelfs minder parkinson.

De motor achter de alsmaar voortmarcherende paniekparade is wat ik in mijn boek Paniek om niets uit 2024 de ‘meetrevolutie’ noem. Halverwege de twintigste eeuw waren analytisch chemici al in de wolken als ze met blaaspijpjes een promille alcohol konden meten in de adem van automobilisten.

Van nauwkeurig meten naar onterechte angst

Een promille is één op de duizend. Tegenwoordig kunnen we zelfs ppq’s (parts per quadrillion, delen per biljard) meten. De nul, het niets, is zo’n 10 miljoen maal zo klein geworden.

Omdat we zo nauwkeurig kijken, zien we overal spoken en spookjes. We kunnen op de meest idyllische en ongerepte plekken, boven Antarctica en de Tibetaanse hoogvlakte, ppq’s aan PFOA (een van de duizenden PFAS’en) aantonen in het regenwater.

En nee, dit betekent niet dat het zelfs daar vervuild is.

Lees ook | We moeten de boer koesteren in plaats van de milieuactivist

Stuur uw ochtendplas op naar de ‘Nationale Piskijker’ (sorry, zo heet het echt) en dan tonen ze picogrammen glyfosaat per liter urine aan. Het is drie keer niks, maar als het zwart op wit staat (zonder de broodnodige relativering dat het bijvoorbeeld maar om 0,0000000001 procent gaat) schrik je je een rolberoerte.

‘Scientivisten’ zaaien angst

Lucht en water zijn schoner dan ooit in de afgelopen eeuw, we leven dertig jaar langer dan toen, maar de milieumaffia (vooral PAN, Pesticide Action Network Netherlands, en Meten = Weten) plus een bataljon activistische wetenschappers ­zoals Bas Bloem en Martina Vijver (hoogleraar ecotoxicologie in Leiden) jagen ons de stuipen op het lijf.

De meeste media (die zowel slecht op de hoogte als activistisch zijn – een toxische cocktail) hangen aan de lippen van deze ‘scientivisten’.

De prikkel om paniek in stand te houden

Probleem is ook dat wanneer een onderwerp eenmaal in de belangstelling staat, onderzoekers daar brood in zien. Zo is er bij de universiteit van Wageningen een microplastics-laboratorium en heeft de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) een ‘microplastics-deskundige’.

Lees ook | Groene economie kost ons onze industrie

Dergelijke experts ontwikkelen niet zelden een sterke emotionele betrokkenheid bij hun onderwerp.

Zoals een makelaar niet gauw zal zeggen dat bemiddelen bij de koop van een huis eigenlijk overbodig is, zoals een voetballer niet gauw zal toegeven dat het maar een spelletje is, bijt PFAS-professor Jacob de Boer (ook van de VU) nog liever zijn tong af dan dat hij toegeeft dat het wel meevalt met PFAS.

Pas als de paniekparade echt niet langer vol te houden is, zoals nu met plastic, pesticiden en parkinson, komen er timide excuses.