Wat het intrekken van de Endangerment Finding betekent voor klimaat en gezondheid

Koeien zorgden relatief voor veel uitstoot. (Foto: ANP).

De Amerikaanse regering maakt korte metten met de Endangerment Finding, een pijler van het klimaatbeleid, die de schadelijke gevolgen van broeikasgassen voor de gezondheid en het welzijn van de mens vaststelt. Over welke effecten gaat het dan eigenlijk?

1. Wat is de Endangerment Finding?

In 2007 oordeelde het Amerikaanse Hooggerechtshof, met een nipte meerderheid, dat broeikasgassen onder de Clean Air Act kunnen vallen. Die milieuwet verplicht de federale milieudienst (EPA) om stoffen aan te pakken als ze een risico vormen voor de volksgezondheid of het algemeen welzijn.

Op grond van dat arrest concludeerde de regering-Obama in 2009 dat COzo’n risico vormt.

Dat gaf de EPA een juridische basis om de uitstoot van broeikasgassen te reguleren, ook al wordt CO2 niet letterlijk in de wet genoemd.

Sindsdien vormt deze zogeheten Endangerment Finding het fundament onder vrijwel alle federale klimaatregels in de Verenigde Staten, zoals emissienormen voor auto’s en energiecentrales.

Zonder deze vaststelling ontbreekt de juridische onderbouwing van brede CO2-regulering, tenzij het Congres expliciet nieuwe wetgeving daarvoor aanneemt.

Door de Endangerment Finding in te trekken, heeft de Amerikaanse regering dus een centrale pijler onder het bestaande klimaatbeleid weggenomen.

2. Over welke broeikasgassen gaat het?

De Finding gaat over zes zogenoemde ‘well-mixed’ broeikasgassen, wat betekent dat deze gassen, ongeacht waar ze zijn uitgestoten, overal ter wereld ongeveer in dezelfde concentraties voorkomen.

Het gaat om: koolstofdioxide (CO2), methaan (CH4), lachgas (N2O), hydrofluorkoolwaterstoffen (HFK’s en HFC’s), perfluorkoolwaterstoffen (PFK’s en PFCs) en zwavelhexafluoride (SF6). Al deze gassen blijven langdurig (tussen de tien en honderden jaren) aanwezig in de atmosfeer en versterken het broeikaseffect.

3. Wat is het verband met ‘gezondheid en welzijn’?

Deze gassen zijn in de concentraties waarin ze in de atmosfeer voorkomen, niet schadelijk bij inademing. Dat is ook een zwakke plek in de juridische constructie om langs deze weg klimaatmaatregelen af te dwingen. De regering-Trump is van mening dat het gezondheidsargument er met de haren is bijgesleept om klimaatwetgeving erdoor te krijgen.

De architecten van de bestaande wetgeving wijzen er juist op dat het verband met gezondheid en welzijn vooral zit in indirecte gevolgen, voortkomend uit de rol die deze gassen spelen bij klimaatverandering.

4. Welke gevolgen voor de gezondheid hebben broeikasgassen?

Hitte
Het best onderbouwde indirecte gezondheidseffect van hogere concentraties broeikasgassen is hitte. Naarmate gemiddelde temperaturen stijgen en hittegolven frequenter en intenser worden, neemt de hittegerelateerde sterfte toe, vooral onder ouderen en mensen met hart- en vaatziekten of longaandoeningen.

Het verband tussen extreme hitte en oversterfte geldt als sterk en consistent. Tijdens de Europese hittegolf van 2003 stierven vermoedelijk zo’n 70.000 mensen meer dan gewoonlijk, en ook in recente warme jaren waren er volgens schattingen in Europa tienduizenden aan hitte gerelateerde sterfgevallen.

Luchtkwaliteit

Een tweede effect betreft de luchtkwaliteit. Bij warm en zonnig weer ontstaan sneller hoge concentraties ozon in de onderste luchtlaag.

Dat is niet de beschermende ozonlaag hoog in de atmosfeer, maar een vorm van smog die ontstaat uit uitlaatgassen en andere vervuilende stoffen onder invloed van zonlicht.

Deze ozon prikkelt de luchtwegen, vermindert de longfunctie en kan klachten bij mensen met astma, COPD of hart- en vaatziekten verergeren.

Daarnaast vergroten warmere en drogere omstandigheden in sommige regio’s de kans op natuurbranden, met rook en fijnstof als gevolg.

Dat luchtvervuiling gezondheidsproblemen veroorzaakt, is goed onderbouwd. Hoeveel van die extra blootstelling precies samenhangt met klimaatverandering, valt moeilijker exact vast te stellen.

Meer infectieziekten

Veranderingen in temperatuur en neerslag kunnen ook de verspreiding van infectieziekten beïnvloeden.

Door warmer weer verschuift het leefgebied van muggen en teken, wat lokaal kan leiden tot meer gevallen van bijvoorbeeld Westnijlkoorts of ziekte van Lyme.

Het bewijs hiervoor groeit, maar is sterk regionaal bepaald.

Klimaat is één factor, naast reisgedrag, verstedelijking en landgebruik.

Wereldwijd worden al miljoenen infectiegevallen toegeschreven aan levende dragers als muggen en teken, maar slechts een deel daarvan is direct te koppelen aan recente klimaatverandering.

Voedselonzekerheid

Via landbouw en voedselprijzen kunnen hogere temperaturen indirect bijdragen aan ondervoeding of onzekere voedselvoorziening, vooral in kwetsbare regio’s.

Droogte, extreme regenval en hitte beïnvloeden oogsten. Wereldwijd hebben honderden miljoenen mensen te maken met voedselonzekerheid.

Klimaatverandering geldt daarbij als versterkende factor, maar zelden als enige oorzaak. Het causale verband is aannemelijk maar complex, en afhankelijk van sociaal-economische omstandigheden.

Onleefbare gebieden

In de Clean Air Act wordt ‘welzijn’ breed opgevat en opwarming van de aarde gezien als een bedreiging van dat welzijn.

Zeespiegelstijging, met risico op overstromingen, verlies van land, schade aan infrastructuur en mogelijke ontheemding van miljoenen mensen, valt daaronder.

Het gaat niet alleen om gezondheid in medische zin, maar ook in bredere zin om maatschappelijke en economische leefbaarheid.

Toch geldt hier eveneens: het patroon lijkt onomstotelijk, maar een direct oorzakelijk verband tussen een tiende graad Celsius opwarming en verandering van het landschap in een bepaald gebied, is lastig vast te stellen.

5. Zijn er ook positieve effecten van opwarming?

Minder kou

Ja, die zijn er ook, met name in koude en gematigde landen. Mildere winters gaan samen met minder koude-gerelateerde sterfte. Historisch gezien overlijden in Europa meer mensen door kou dan door hitte.

Sommige studies suggereren dat lichte opwarming in koude regio’s tijdelijk kan leiden tot minder hart- en vaatincidenten en minder wintersterfte.

Ook kunnen lagere verwarmingskosten en minder energiearmoede indirect gezondheidswinst opleveren. Maar deze voordelen lijken af te nemen naarmate de opwarming verder doorzet en hitte-effecten zwaarder gaan wegen.

Hogere landbouwopbrengsten

Ook voor de voedselvoorziening betekent opwarming niet alleen ellende. In koudere regio’s kan opwarming het groeiseizoen verlengen en, samen met het zogeheten CO2-bemestingseffect, tijdelijk tot hogere opbrengsten of kansen voor nieuwe gewassen leiden.

Die voordelen zijn wel afhankelijk van voldoende water en voedingsstoffen, en worden vaak beperkt door droogte, hittestress en plagen.

Bij verdere opwarming slaan de effecten in veel regio’s juist om naar lagere opbrengsten.