Met de Amerikaanse overname van DigiD verkopen we een fundament van de rechtsstaat

DigiD. (Foto: ANP).

Wie beheert de digitale sleutels van ons bestaan als burger? Een kniesoor die die vraag stelt bij het lezen van het geruststellende bericht van DigiD over de mogelijke overname van zijn ICT-leverancier door het Amerikaanse bedrijf Kyndryl, schrijft Zihni Özdil.

Tegelijk laat een kijkje bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB) zien hoe diepgaand de logica van marktwerking in onze publieke infrastructuur is doorgedrongen.

DigiD haast zich dus om ons gerust te stellen. Omdat Solvinity, dat dus in Amerikaanse handen komt, slechts een ‘leverancier van het platform’ is en geen eigenaar. Bovendien, zoals het altijd gaat in de polder, wordt de eventuele overname eerst ‘uitgebreid onderzocht’.

Gevaar overname DigiD wordt gebagatelliseerd

En mochten er ‘risico’s zijn die wij niet kunnen accepteren, dan nemen wij direct maatregelen’. De toon is kalmerend. Bijna vaderlijk: u merkt hier niets van.

Dat een essentieel stukje soevereiniteit (de verificatie van wie je bent voor de staat) afhankelijk wordt van een buitenlands commercieel bedrijf, wordt gereduceerd tot een ‘leveranciersrelatie’, is eigenlijk best knap van DigiD.

Maak het probleem technisch en procedureel. Dan hoeven we niet te praten over het feit dat dit in de kern een politieke en principiële kwestie is.

Bij de SVB, de hoeder van onze sociale rechten, zien we eenzelfde patroon. De pagina van SVB over een geplande overname door Microsoft Azure begint niet met een uitleg over veiligheid of publieke waarden, maar met optimistische taal over ‘het fundament vernieuwen’. Het wordt zelfs nog bonter dan bij DigiD, want de SVB claimt dat deze overname door een buitenlandse multinational de digitale processen juist ‘flexibeler, duurzamer en minder afhankelijk van buitenlandse partijen’ maakt.

Eén ding is zeker: niemand kan de SVB betichten van gebrek aan testiculaire fortitude. Want niets minder is nodig om dit zo met droge ogen op te schrijven.

Probleem Amerikaanse overname DigiD gaat verder dan Trump

Waarom zou dit allemaal een probleem zijn? Mijn argument gaat verder dan het cliché over ‘onze data in het Amerika van Trump’.

Dit raakt per definitie aan de kern van wat een staat is en welke rechten die zijn burgers garandeert. Je digitale identiteit is niet zomaar een profiel of een marktproduct.

Het is de voorwaarde om überhaupt burger te kunnen zijn: om een uitkering aan te vragen, belastingaangifte te doen, te stemmen, een zorgverzekering af te sluiten enzovoorts. Het is onze toegangspoort tot het sociale contract.

Wat gebeurt er als de poortwachter een commerciële partij is, waarvan de loyaliteit uiteindelijk bij aandeelhouders en winstmarges ligt? En dan ook nog eens een externe commerciële partij? Welke garanties blijven er over bij een volgende overname, een faillissement of politieke druk vanuit een ander land?

Je digitale identiteit is niet zomaar een profiel of een marktproduct

Nederland geeft met verkoop DigiD een stuk rechtsstaat uit handen

De belofte dat DigiD danwel SVB de baas blijft, is geruststellend, maar klinkt steeds holler naarmate de technische infrastructuur – het daadwerkelijke fundament – verder in private handen verdwijnt. We outsourcen hier niet zomaar een ICT-projectje. Neen, we verpachten een fundament van onze rechtsstaat.

Het meest verbazingwekkende is niet dat dit gebeurt. Want marktwerking en efficiency zijn al decennia nietsontziende dogma’s in de Nederlandse bestuurscultuur.

Het verbijsterende is het gebrek aan groot maatschappelijk verzet. Geen boze betogingen op het Malieveld met spandoeken als ‘Handen af van mijn DigiD!’. Geen bezetting van de hoofdkantoren van DigiD of SVB door maatschappelijk betrokken jonge activisten.

We verpachten een fundament van onze rechtsstaat

Waarom zijn tegenstanders stil over overname DigiD?

Deze stilte is veelzeggend. Je kunt hem op twee manieren uitleggen. Ofwel het Nederlandse volk vertrouwt blindelings op de garanties van de instanties. Meer waarschijnlijk is een tragere, diepere conclusie: wij hebben de privatisering van het publieke domein zo diep geïnternaliseerd dat we het niet eens meer opmerken.

Het idee dat sommige dingen – zoals de verificatie van je bestaan voor de staat – per definitie een publieke, niet-uitbesteedbare taak zijn, is verdampt.

Zo bezien is de afwezigheid van protest misschien wel de meest ondubbelzinnige democratische goedkeuring die je je kunt voorstellen. Niet door actieve instemming, maar door een diep, collectief schouderophalen.

Nederlanderschap is geprivatiseerd

Daarom ga ik me er niet druk over maken. Ook niet aan het einde van deze column. Braaf schik ik me naar onze volksaard. Het zal wel. Ze regelen het wel. Het is nu eenmaal hoe de wereld werkt.

Wij hebben, zonder er een woord aan vuil te maken, gestemd voor een model waarin de uitvoering van onze burgerrechten een dienst is die door de laagste inschrijver mag worden geleverd. Met andere woorden: zelfs ‘het Nederlander zijn’ hebben we geprivatiseerd. Hoera!