De oplossing voor stroomverbruik datacenters is te vinden in Finland

Een datacenter van Google in Middenmeer. (Foto: ANP).

Kijkt u ‘s avonds weleens een serie op uw tablet? Vast wel. Stelt u zich nu eens voor dat de warmte die uw datastroom opwekt, in een serverpark wordt doorgeleid naar de radiatoren in uw huis, schrijft Zihni Özdil.

Klinkt dat als toekomstmuziek? In Finland is het realiteit. En in Nederland, met al onze datacentra, kan dit de energietransitie een flinke boost geven.

Eerst de feiten. Nederland kunnen we inmiddels de digitale draaischijf van Europa noemen. Wij hebben ongeveer 160 datacentra, waarvan er om en nabij 45 grote spelers zijn die meer stroom verbruiken dan een gemiddelde stad. En er komen er meer aan.

Datacenters verbruiken veel elektriciteit

Deze hongerige verbruikers zijn verantwoordelijk voor bijna 5 procent van ons totale elektriciteitsverbruik. Dat is gelijk aan wat twee miljoen huishoudens jaarlijks nodig hebben.

Energie gaat er in en komt er vooral als warmte weer uit. Tot nu toe verdwijnt die warmte grotendeels in de lucht. Zonde eigenlijk. Want warmte is waardevol.

In Finland doen ze dat heel anders. Daar wordt al jaren slim gebruikgemaakt van de restwarmte van datacentra.

Finse datacentra in gesteente

Bijvoorbeeld: onder de stad Espoo liggen datacentra vaak in gesteente, die fungeert als natuurlijke koeling. De restwarmte wordt opgevangen en via een warmtenet naar duizenden huizen gepompt.

In Helsinki voorziet een ondergrondse vestiging van Microsoft niet alleen de oude binnenstad van warmte, deze draagt ook bij aan een jaarlijkse CO₂-besparing van honderdduizenden tonnen.

Hoe precies? Koelvloeistof uit de servers, die eerst zo’n 30 graden is, wordt met slimme warmtepompen opgestookt naar de 80 tot 115 graden die nodig is voor het stadsverwarmingsnet.

Met andere woorden: de cloudopslag van een netflixende familie verwarmt er, vrij letterlijk, een Finse school.

Circulaire oplossing

Deze aanpak lijkt mij een masterclass in circulair denken. Waarom zouden we in Nederland energie verbranden om huizen te verwarmen, als onze digitale economie het gratis voor ons doet?

Maar kan dit ook in Nederland? Ik heb me de afgelopen dagen ondergedompeld in techniek. Mijn antwoord is daarom een onbescheiden: ‘jazeker!’ De politieke wil is er ook. Wat we ontberen is een samenhangende langetermijnvisie als basis voor een grootschalige, gecoördineerde aanpak.

Hoe kan Nederland de Finse oplossing overnemen?

Een aanzet in slechts drie overzichtelijke stappen:

Stap 1 – De warmtecorridor

In Finland is de overheid de grootste aandeelhouder van zowel energiebedrijven als warmtenetten. In het doorgeschoten neoliberale Nederland vol private, versplinterde energiebedrijven moeten we creatiever zijn.

Gemeenten moeten in hun omgevingsvisies niet alleen bouwlocaties aanwijzen, maar ook ‘warmtecorridors’ vastleggen tussen bestaande datacentra en woonwijken.

Dat is al goed geregeld in de Waarderpolder in Haarlem. Daar is een subsidie van 52 miljoen euro toegezegd door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland om een warmtenet aan te leggen dat 1200 panden van zal verwarmen via de restwarmte van datacentra.

Dat is dus de juiste weg. Laten we dat soort initiatieven meteen de standaard maken.

Stap 2 – Een lauwwaterring

In Nederland hebben we geen rotsgesteente onder de grond. Maar we hebben wel een ongekende dichtheid aan bedrijventerreinen en datacentra. Die ook nog eens best goed verdeeld zijn over bijna het hele land.

Wat is dan de technische oplossing voor ons drassige landje? Een zogeheten ‘lauwwaterring‘. We leggen een apart buizennet aan dat water met een temperatuur van zo’n 20-30 graden rondpompt.

Datacentra leveren hun warmte aan dit net. Vervolgens plaatsen we in elke wijk of elk appartementencomplex een moderne, collectieve warmtepomp (aangedreven door groene stroom) die dat water opwarmt tot een aangename 60-70 graden voor de cv-ketel of vloerverwarming.

Ook dit is bewezen techniek. Want dit systeem wordt toegepast op de High Tech Campus in Eindhoven en ook bij in een project van Equinix in Amsterdam.

Stap 3 – Markt creëren 

De laatste stap is de markt. In Finland, waar de staat nog wél een sterke en sturende rol heeft, geven techreuzen als Google de warmte soms gratis aan het staatsenergiebedrijf.

Dat moeten wij ook durven te faciliteren, middels een beetje streng beleid. Nederland zou wettelijk kunnen vastleggen dat nieuwe datacentra vanaf een bepaalde grootte verplicht hun restwarmte moeten aanbieden aan de omgeving.

Koppel dat aan een eerlijke vergoeding voor de geleverde energie, en je creëert een markt waarin warmte een product wordt in plaats van afval.

Lauwe cultuur afschaffen

Bent u verbaasd dat dit allemaal niet zo ingewikkeld is? In alle eerlijkheid was ik dat ook. Terwijl ik het, mede door ervaring in onze landelijke politiek, had kunnen weten.

Want in Nederland zijn nauwelijks meer grote projecten als de Deltawerken. Omdat wij heel goed zijn geworden in eindeloos vergaderen, van visie een scheldwoord hebben gemaakt en een besluit nemen dat doorgezet moet worden, als ‘grensoverschrijdend gedrag’ zien.

Als we nu eerst die lauwe cultuur afschaffen, dan zult u zien hoe snel de hitte van onze servers verandert van probleem naar de duurzame oplossing voor warme woningen.