Eerste bezoek van premier Jetten aan Brussel: wat staat op de agenda?

Premier Rob Jetten staat de pers te woord na afloop van de ministerraad. (Foto ANP).

Europese regeringsleiders doen tegenwoordig in hun wittebroodsweken vrijwel allemaal hetzelfde. Op dag één of twee bellen zij met de Oekraïense president Volodymyr Zelensky. Ook op mij kun je blijven rekenen, is dan de mededeling.

Een paar dagen later, als ook de binnenlandse routines zijn afgewerkt, is het tijd voor het dagje Brussel. Kennismaken met Commissiechef Ursula von der Leyen en de voorzitters van de Europese Raad (António Costa) en het Europees Parlement (Roberta Metsola).

Tijdens zo’n persoonlijke ontmoeting wordt de basis gelegd voor de verdere relatie, al laten de meeste regeringsleiders het niet na om ook nationale prioriteiten te benadrukken.

Jetten ontmoet Rutte en DeWever in Brussel

Het eerste buitenlandse bezoek van Dick Schoof aan Brussel was op 8 juli 2024, zes dagen na zijn aantreden, waar hij Von der Leyen, Charles Michel (voorganger van Costa) en Metsola ontmoette.

Zijn opvolger Rob Jetten (D66) reist vandaag, dinsdag 3 maart, af naar Brussel, acht dagen nadat hij werd beëdigd als premier op Huis te Bosch. Hij zal warm worden ontvangen door de voorzitters van de drie instituties.

Jetten maakt tevens tijd voor een ontmoeting met zijn voorganger Mark Rutte in het NAVO-hoofdkwartier. Opmerkelijk is dat hij daarnaast een date heeft met zijn Belgische evenknie Bart De Wever, die als Europees regeringsleider steeds hogere ogen gooit.

Nieuwe premiers sneller naar Brussel

Lang lieten regeringsleiders in hun beginperiode Brussel links liggen. De Europese Gemeenschap (EEG), voorloper van de Europese Unie, was een economisch project. Het zwaartepunt lag bij vakministers.

Nationale hoofdsteden waren diplomatiek belangrijker dan ‘Brussel’. Een net aangetreden Nederlandse premier ging eerst naar Parijs, Bonn, Londen of Washington, niet naar Brussel.

Dat veranderde met het Verdrag van Maastricht (dat in 1993 in werking trad): de oprichting van de Europese Unie, de Economische en Monetaire Unie (de euro) en een gemeenschappelijk Europees buitenlands en veiligheidsbeleid maakten Brussel belangrijker. De Commissievoorzitter werd een serieuze gesprekspartner en nieuwe premiers meldden zich eerder in Brussel.

Jetten gebruikt Brusselbezoek voor pro-Europees verhaal

Met het Verdrag van Lissabon (2009) kreeg de Europese Unie een vaste voorzitter van de Europese Raad, die zorgt voor de coördinatie tussen regeringsleiders. Sindsdien is het kennismakingsbezoek helemaal standaard, zeker in tijden van crisis, En daarvan hadden we er nogal wat. De eurocrisis (2010-2015), de migratiecrisis (2015-2016), COVID-19 (2020-2021) en de oorlog in Oekraïne (sinds 2022).

Brussel werd een permanente onderhandelingsarena waar goede relaties onontbeerlijk zijn. Voor eurozonelanden is Brussel extra relevant, vanwege de gemeenschappelijke begrotingsregels.

Hoe meer macht en (crisis)bestuur naar Brussel verschoof, hoe logischer het dus werd dat nieuwe regeringsleiders zich daar direct laten zien. Pro-Europese leiders, zoals Jetten, gebruiken zo’n bezoek ook om te benadrukken waar ze staan: aan de kant van een sterk Europa.

Eurosceptische leiders gaan juist snel naar Brussel om daar, ook in de microfoons van de eigen pers, duidelijk te maken dat nationale belangen altijd vooropstaan.

Lees ook | Geopolitiek geruzie in de ministerraad