Ruud Deijkers

Zeesluis IJmuiden enige juiste naam voor zeesluis in IJmuiden

25 november 2020

De naam voor de nieuwe zeesluis – ’s werelds grootste – bij IJmuiden is het praatje van de dag, ook buiten Noord-Holland. Een comité van ambtenaren, bestuurders en buurtbewoners kon kiezen uit 5.000 ingezonden namen en welke pikten ze eruit? ‘Zeesluis IJmuiden’. Die naam lijkt allesbehalve creatief en werkt op veler lachspieren. En toch is het de  naam die recht doet aan de sluis en de havenplaats, schrijft Ruud Deijkers die onderzoek deed naar de ‘bedenker’ van IJmuiden.

In het voorjaar schreven de gemeente Velsen en Rijkswaterstaat een prijsvraag uit voor het bedenken van een nieuwe naam voor de nieuwe 500-meterlange sluis die zeeschepen toegang moet  bieden tot het Noordzeekanaal en de havens van Amsterdam. Er werden verschillende lollige namen ingezonden, zoals ‘de Sluizenmoeder’ en ‘Irma Sluis’, naar de inmiddels bekende gebarentolk bij persconferenties van de minister-president.

Een andere ludieke inzending is ‘Sluisje McSluisface’: een verwijzing naar ‘Boaty McBoatface’. Die naam kwam in 2016 als ongewenste winnaar uit een internetverkiezing voor de naam voor een Brits onderzoekschip nadat een radiodeejay deze naam had genoemd in zijn radioshow.

Precies wat het is

Toch is de naam Zeesluis IJmuiden om twee redenen geen gevalletje van McBoatfacing – de term die wordt gebruikt als iets misgaat doordat je via internetpeilingen besluiten laat nemen.

Ten eerste is de uitverkiezing niet volledig overgelaten aan het grote publiek. Een naamgevingscommissie van de gemeente maakte een voorselectie waaruit enkele buurtbewoners van de sluizen een top-5 kozen. Daaruit kozen burgemeester en wethouders de beste naam: Zeesluis IJmuiden. Prima, dat is immers precies wat het is.

Een tweede reden waarom er nu eens een keer niets lijkt misgegaan bij een publieksactie, is dat de nieuwe naam alle recht doet aan de naam IJmuiden en de creativiteit die aan deze plaats ten grondslag ligt: een symbool van Nederlands vooruitgangsdenken. Dit zit als volgt.

Verplichte kost

In 1848 schreef Simon Vissering – journalist, opvolger van Thorbecke aan de universiteit van Leiden en minister van Financiën in het kabinet-Van Lynden van Sandenburg – een verhaal in literair tijdschrift De Gids over een tochtje van Amsterdam naar Y-Muiden: heen met de trein, terug met de boot.

Vissering beschrijft hoe hij op het treinstation via de telegraaf alvast een visje bestelt bij het Badhuis in Y-muiden: ‘Badhuis. Diner 5 uren. Twee personen. Gekookte tong met pietersielie. Biefstuk. Aardappelen. Groente. Dessert.’

 

Lees verder:

Vol lof spreekt Vissering over hoe de Hollanders – ‘praktische menschen’ – Amsterdam hebben verbonden met hun zeehaven door middel van een kanaal, spoorweg en telegraaf. In zijn verhaal passeert de verteller de vette teellanden voor koolzaad en granen, weiden en vruchtbare moesgronden in de Haarlemmermeer.

‘Hola, eeuwige droomer!’ In de laatste alinea’s van het verhaal van Vissering, dat verplichte kost zou moeten zijn bij geschiedenislessen, wordt de verteller wakker geschud uit zijn dagdromen. Al zijn mooie beschrijvingen blijken fantasieën.

Vader en zoon Vissering

De Haarlemmermeer zou namelijk pas droogvallen een paar jaar nadat Vissering erover schreef. En pas in 1878, na elf jaar graven, opende koning Willem III het Noordzeekanaal. De verbeeldingskracht van Vissering en zijn populaire verhaal droegen bij aan het creëren van draagvlak voor de plannen om het kanaal te graven. Als eerbetoon aan Vissering werd de plaats die aan de monding bij zee ontstond, vernoemd naar de plaats uit zijn ‘Een uitstapje naar Y-Muiden’.

Opmerkelijk is dat de verteller in het verhaal van Vissering een rapport bij zich draagt waarin niet alleen wordt gesproken over het aanleggen van een verbinding van Amsterdam met de Noordzee, maar onder meer ook over het indijken en droogmaken van de Zuiderzee. Zeventig jaar later, na de grote watersnood van 1916, wordt het besluit tot het inpolderen van de Zuiderzee aangejaagd door een emotioneel artikel in het Algemeen Handelsblad van de toenmalige president van de Nederlandsche Bank en voorzitter van de Zuiderzeevereniging: Gerard Vissering, de zoon van Simon Vissering.

Peperdure naamgevingscampagne?

De bouw van de nieuwe zeesluis heeft veel vertraging opgelopen en de kosten overstijgen ruimschoots de begrote 848 miljoen euro. Maar het lijkt erop dat de indrukwekkende megasluis die de havens van Amsterdam toegankelijk moet houden voor de steeds groter wordende zeeschepen in 2022 wordt geopend.

Allemaal leuk en aardig zo’n naam, maar moest hier nu zo’n grote campagne voor worden opgetuigd? Die zal waarschijnlijk weer tienduizenden euro’s hebben gekost, of meer. Dat valt best wel mee, blijkt uit navraag bij Rijkswaterstaat: in totaal rond de 1.000 euro voor het maken van een filmpje waarin de uitslag werd bekendgemaakt en voor de taarten voor de inzenders die met de naam Zeesluis IJmuiden op de proppen kwamen. Een effectieve campagne, want niet alleen de sluis en IJmuiden, maar ook de praktische Nederlanders staan weer eens positief op de kaart.

Ingelogde abonnees van EWmagazine kunnen reageren
Bij het plaatsen van een reactie geldt een aantal voorwaarden. Klik hier voor de voorwaarden.