Robbert de Witt

Ja, dictaturen krijgen virus beter onder controle – maar tegen hoge prijs

29 oktober 2020

Autoritaire landen lijken inderdaad beter geschikt om zo’n agressief en ongrijpbaar virus als COVID-19 te bevechten, schrijft Robbert de Witt. Maar tegelijk is de inefficiëntere corona-aanpak in het Westen de prijs die dan maar moet worden betaald voor de vrijheid van burgers.

De eensgezindheid heeft het maar één golf van de pandemie volgehouden. Afgelopen voorjaar werd de lockdown in de diverse Europese landen weliswaar zwaar gevonden, maar een grote meerderheid steunde de strenge maatregelen desondanks. Er werd geapplaudisseerd op balkons voor zorgpersoneel.

Robbert de Witt (1978) is Buitenlandredacteur bij Elsevier Weekblad. Hij blogt wekelijks op donderdag over mondiale ontwikkelingen en de gevolgen ervan voor Nederland en Europa.

Nu wordt ziekenhuispersoneel belaagd. En nieuwe, strengere maatregelen tegen COVID-19 stuiten op groeiend verzet. Er waren de afgelopen week rellen in Rome, Turijn, Milaan, Genua en Napels. Hetzelfde gebeurde in onder meer Barcelona. Er werd brand gesticht bij het Robert Koch Instituut in Berlijn.

Natuurlijk dringt zich dan de vergelijking op met China. In het land waar het allemaal begon, vielen veel minder doden – als de officiële cijfers kloppen tenminste. Van een tweede golf is in China geen sprake, en de economie groeit weer lekker. Opnieuw: áls de officiële cijfers kloppen.

Chinese leiders zijn zelfvoldaan

Ongetwijfeld kijken Chinese leiders zelfvoldaan naar hun land en de ontwikkelingen in het Westen: het Chinese systeem blijkt efficiënter om deze ongekende gezondheidscrisis te bestrijden dan het vrije westerse systeem.

De radicale Chinese aanpak oogstte tijdens de eerste golf ook in het Westen al bewondering. Zonder ‘lastige tegenspraak’ van mondige burgers kon de Chinese overheid hele steden volledig afsluiten. En een uitgebreide nationale discussie over de beste aanpak, die in het Westen kostbare tijd nam, hoefde niet te worden gevoerd.

Zonder scrupules werden en worden in China individuele vrijheden ingeperkt om het coronavirus in te dammen. Denk aan de uitgebreide surveillance middels veiligheidscamera’s, verplichte apps en ophokplicht voor burgers die ook maar een beetje verdacht waren. Zo krijg je het virus er wel onder natuurlijk.

Chinese burgers weer achter sloten grendel

Slechts af en toe duiken nog berichten op van een lokale uitbraak in China – waarop steevast miljoenen mensen achter slot en grendel gaan. Maar beelden van ogenschijnlijk zorgeloze massa’s Chinezen – tijdens feesten, in zwembaden of op toeristenbestemmingen – domineren.

Dit alles leidde al vroeg tijdens deze pandemie tot de vraag of autoritaire landen wellicht beter uitgerust zijn om het coronavirus te bestrijden dan vrije, democratische landen. Misschien zijn autoritaire landen inderdaad beter geschikt om zo’n agressief en ongrijpbaar virus te bevechten. En misschien is een inefficiënte corona-aanpak de prijs die in het vrije Westen moet worden betaald voor de individuele vrijheid van burgers. Zoals ook democratische verkiezingen meer chaos opleveren dan de bestuursvorm van China.

Maar de keerzijde is dat de macht – en daarmee mogelijk machtsmisbruik – van bestuurders in het Westen voortdurend onder druk staat. Partijbonzen in China kunnen doen wat ze willen, problemen zijn vooral te verwachten van concurrenten binnen de partij. Burgers moeten gehoorzamen.

In het Westen moeten de bestuurders juist gehoorzamen

In het Westen is het andersom: daar zijn het juist de bestuurders die moeten gehoorzamen. Burgers hebben de vrijheid om het oneens te zijn met regels en wetten. Ze mogen demonstreren, kunnen naar de rechter, mogen hun eigen sceptische tijdschrift uitgeven en beweren wat ze willen. Ze krijgen vergeleken met China veel lichtere straffen als zij over de schreef gaan.

Westerse bestuurders hebben daarentegen veel minder vrijheid. Zie bijvoorbeeld de misstappen van Dominic Cummings in het Verenigd Koninkrijk, de Ierse politicus Leo Varadkar, de Oostenrijkse president Alexander Van der Bellen, FDP-leider Christian Lindner in Duitsland, de Poolse premier Mateusz Morawiecki en natuurlijk minister van Justitie Ferd Grapperhaus. En er zijn nog veel meer leiders die de coronaregels braken.

Uiteindelijk worden zij gestraft door de publieke opinie, door publieke hoon, door de pers en, zodra er weer verkiezingen zijn, door de kiezer. Natuurlijk vinden Xi Jinping en zijn partijgenoten dat geen aantrekkelijk model en doen ze alles om de nadelen ervan over te brengen op hun onderdanen.

Ingelogde abonnees van EWmagazine kunnen reageren
Bij het plaatsen van een reactie geldt een aantal voorwaarden. Klik hier voor de voorwaarden.