Constanteyn Roelofs

Politiek correcte maffia wil postcodecriminelen niet koppelen aan postcode

01 september 2020

Drillrappers bewapenen zich met messen en vuurwapens om hun wijk of postcode te verdedigen. Ze zijn zo trots op hun wijkje dat ze zelfs hun rapgroep ernaar vernoemen, maar toch willen de politiek correcten drillrapgeweld niet aan een postcode koppelen, schrijft Constanteyn Roelofs.

Constanteyn Roelofs

Wekelijks verkent historicus Constanteyn Roelofs de tragikomische tegenstrijdigheden in economie en maatschappij.

Die arme drillrappers. Ze doen zo hun best om hun wijk, block, postcodegebied of flat met messen en vuurwapens te verdedigen tegen criminele gangs uit concurrerende hoods. Om te laten weten dat het ze menens is, nemen ze allerlei filmpjes en liedjes op om boeven van buiten te vertellen dat ze klaarstaan met machetes en pistolen om hun territorium te verdedigen. En wat doet GroenLinks, de machtigste partij van Amsterdam? Die stelt gewoon bij monde van fractievoorzitter Femke Roosma dat je de aanpak van (drillrappers)-geweld niet aan buurten of risicogebieden mag koppelen. Dat zou stigmatiseren en dat is slecht.

Boevenpad

Een kind kan zien dat bepaalde wijken crimineler zijn dan andere en dat oudere boeven de jonge generatie straatgenootjes meetrekt in een leven vol misdaad en geweld. Dat zeggen ze zelf immers ook in raps (niet alleen uit het drillgenre) en in interviews en dergelijke: men hosselt, steelt, rooft en moordt om status te krijgen in hun sterk gelokaliseerde gemeenschap. Mee op boevenpad met de stoere jongens uit de buurt, achter de grote broers en neven aan…

Familie en buurt zijn precies de twee belangrijkste elementen bij het vormen van de criminele identiteit waaraan laagopgeleide en kansarme mannen uit de banlieus zich  vastklampen. Ze vernoemen hun gangs godbetert naar postcodes. Dat kansrijke hoogopgeleide vrouwen als Roosma uit Tilburg het kennelijk beter weten dan de boeven zelf, is een komische vorm van absurditeit.

Criminaliteit gekoppeld aan wijk

Het contrast tussen jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt en linkse politici met een afstand tot de realiteit legt een grappige hypocrisie bloot. Zo gek zijn ze immers niet, die boven ons gestelde politiek correcten, want ondanks de principiële weigering van het koppelen van buurt of afkomst aan criminaliteit is het praktische beleid om de criminaliteit terug te dringen juist zeer sterk gekoppeld aan die zaken.

Voor straatcoaches en buurthuizen heb je concrete straten en buurten nodig. En het pleiten voor etnische kennisnetwerken, zoals het Marokkaanse sleutelpersonennetwerk rond antiradicaliseringsambtenaar Saadia Ait-Taleb, zou niet nodig moeten zijn als er geen Marokkanenprobleem was. Het is wel politiek correct om ‘linkse’ discriminatie in de vorm van subsidies, buurthuizen en diversiteitsnetwerken te bepleiten, in tegenstelling tot ‘rechtse’ in de vorm van patsercontroles of preventief fouilleren.

Criminaliteit heeft doorgaans wel degelijk een kleur, postcode, geslacht en afkomst – geprofileerde aanpak van boeven in de ‘haarvaten’ van buurt en gezin is dus zeker geen slecht idee, ook al vinden de Roosmaatjes van deze wereld dat in principe kwetsend en stigmatiserend. Er wordt al jaren allemaal effectief beleid gemaakt op basis van conclusies die niet mogen worden getrokken en dat is grappig en wonderlijk – maar zo rolt de witte linkse maffia in de Stopera.

Ingelogde abonnees van EWmagazine kunnen reageren
Bij het plaatsen van een reactie geldt een aantal voorwaarden. Klik hier voor de voorwaarden.