EW Podium, Adam Esmael

Liever keiharde aanpak homohaat dan regenboogvlaggen

06 augustus 2021

Nederland viert deze week 25 jaar (Gay) Pride, maar voor veel lhbti’ers is er weinig reden voor een feestje. Zij kampen elke dag weer met homohaat en antihomogeweld. Vooral vanuit bepaalde culturen en groepen, maar dat mag je blijkbaar niet benoemen, zo constateert de uit Syrië gevluchte Adam Esmael in een artikel voor EW Podium.

Toen ik naar Nederland vluchtte in 2015, had ik nooit gedacht dat ik te maken zou krijgen met lhbti+-haat en zelfs met geweld op straat. Laat staan dat ik zou worden aangevallen als ik mijn mening uit of mij uitspreek tegen die homohaat. Voordat ik, vanuit mijn vaderland Syrië, naar Nederland kwam, wist ik al dat mijn land van aankomst in de toptien van beste landen voor lhbti+’ers ter wereld stond en dat Amsterdam een van de tolerantste hoofdsteden voor homo’s was.

Adam Esmael (1994) werkt als docent Engels op een middelbare school en volgt de lerarenopleiding aan de Hogeschool van Amsterdam. Esmael komt uit Syrië en vluchtte, onder meer vanwege zijn homoseksualiteit, in 2015 naar Nederland.

Dit is een artikel voor EW Podium. Daarop publiceert de redactie van EW elke week meerdere artikelen van jonge schrijvers, die vanuit hun eigen onderzoek, expertise of werkervaring willen bijdragen aan het publieke debat.

Maar na zesenhalf jaar in Nederland te hebben gewoond, kan ik me al niet meer herinneren hoe vaak ik ben uitgescholden, bespuugd, aangevallen of bedreigd alleen omdat ik ben wie ik ben of zeg wat ik wil zeggen.

Nederland was toch de hemel
op aarde voor homo’s?

In 2001 was Nederland het eerste land ter wereld waar het huwelijk werd opengesteld voor mensen van hetzelfde geslacht, het ‘homohuwelijk’. We vieren dit jaar de 25ste verjaardag van de Gay Pride. Je zou als homoseksueel persoon, en zeker als homoseksuele vluchteling, denken dat Nederland de hemel op aarde is, als progressieve, diverse en tolerante samenleving. Maar is dit nog altijd zo?

Toen ik een jaar in het AZC Baexem zat, werd ik door andere asielzoekers en kampbewoners vaak verbaal geïntimideerd met kreten als ‘hé homo’ en ‘kuthomo’. Toen ik een appartementje in Roermond kreeg aangeboden, woonde ik in een wijk met veel mensen met een niet-westerse achtergrond, waar ik ook te maken kreeg met verbale intimidatie en agressie. Sinds ik eind 2016 naar Amsterdam verhuisde, ben ik de tel kwijtgeraakt hoe vaak ik raar word bekeken door mensen op straat, alsof ik de enige man op aarde ben met lang haar. Ik hoor mensen over mij praten in de metro: ‘Is hij een man of een vrouw?’ en ‘Zulke mensen leven als prostituee’.

De haat komt van alle kanten

Het maakte niet uit waar ik kwam. Op het Damrak midden in het centrum werd ik uitgescholden, in Amsterdam-West werd ik met de dood bedreigd. Als ik mijn sociale media gebruik als platform om me uit te spreken over de daders die mij aanvallen of uitschelden, of als ik bepaalde problemen wil aankaarten die ik signaleer onder mede-asielzoekers, word ik in het racismehoekje gezet en ervan beschuldigd dat ik ‘wit’ wil worden.

Twee weken geleden kwam een rapport uit van de gemeente over homodiscriminatie in Amsterdam, waaruit blijkt dat de daders vaak migranten zijn en vaak van Marokkaanse afkomst. Dit was voor mij helaas geen verrassing, want in mijn eigen ervaringen zijn de daders vaak Syriërs of Marokkanen.

Waarom zijn Nederlanders zo onverschillig?

Sinds de invoering van het homohuwelijk (officieel: ‘de openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht’) heeft Nederland weinig gedaan aan homoacceptatie, vooral onder bepaalde groepen. Ook is er nauwelijks actie ondernomen tegen antihomogeweld, ondanks vele ‘incidenten’. Waarom zijn Nederlanders zo onverschillig als het gaat om dit probleem te benoemen en aan te pakken? Waarom is aangifte doen zo moeilijk en wordt dit soms zelfs ontmoedigd? Wat is het nut van aangifte doen als de straffen zo laag zijn of zelfs helemaal uitblijven?

Pas volgend jaar treedt de nieuwe inburgeringswet in werking. Deze wet is meer gepersonaliseerd en de gemeente krijgt meer de leiding, zodat er meer aandacht wordt besteed aan seksuele oriëntatie en genderidentiteit. Maar waarom komt die nieuwe wet pas volgend jaar, terwijl in de afgelopen vijf jaar meer dan honderdduizend mensen naar Nederland kwamen van wie de meerderheid afkomstig is uit een cultuur die lhbti+-mensen wegzet als zondigen, zieken en minderwaardigen?

Ik ben Syrië ontvlucht vanwege de mensen die mij nu hier bedreigen

Als geboren en getogen Syriër, die ook enkele jaren in Beirut heeft gewoond, beschouw ik het antihomogeweld en de intolerantie in Nederland als zeer zorgelijk. Ik mag blijkbaar mijn vaderland, de Arabische wereld en ‘mijn eigen mensen’ niet kritiseren omdat dat als racisme wordt beschouwd. Maar de waarheid is dat de belangrijkste reden dat ik uit het Midden-Oosten ben gevlucht is dat ik homo ben. Mijn medemensen aldaar hebben mij niet geaccepteerd. Zij zien mij als vieze en zieke persoon, die ze soms zelfs fysiek aanvallen omdat ik ben wie ik ben. Maar ik ben nu in Nederland en maak ongeveer evenveel homohaat en intimidatie mee als in mijn vaderland – en ook hier lopen de daders vrij rond zonder gevolgen.

Homohaat komt voort uit cultuur, religie en onwetendheid

Zoveel haat en intolerantie komt niet uit de lucht vallen. Deze mensen horen al hun leven lang dat homo’s niet normaal zijn, homo zijn is zonde en ook schaamte. Deze onderdrukking komt voort uit cultuur, religie en onwetendheid. De reden waarom deze mensen blijven hangen in zo’n cultuur is dat er geen voorlichting is en er geen negatieve gevolgen kleven aan hun daden. Als we ons tolerant blijven opstellen tegenover deze intolerantie, dan accepteren we dus dat we niet leven in een vrij land maar in een intolerante samenleving.

Deze week vieren we de 25ste Pride (voorheen: Gay Pride) in Amsterdam, maar is er wel reden tot feest? Als lhbti+-mensen zitten wij eerder te wachten op een vervolgactie om de groeiende homohaat tegen te gaan. Regenboogvlaggen hijsen en commerciële acties van het bedrijfsleven, vermomd als ‘maatschappelijke betrokkenheid’, zijn mooie gebaren, maar ze lossen het probleem niet op. Ik zie liever dat de veiligheid van lhbti+’ers beter wordt gewaarborgd. En dat er meer aandacht komt voor alle kanten van het probleem, inclusief voorlichting, juridische vervolging, passende strafeisen én een bredere emancipatiegolf onder migranten van niet-westerse komaf en andere nieuwkomers. Dat zou pas echt recht doen aan die eens zo mooie Nederlandse traditie van tolerantie.

Wil jij reageren op dit artikel? Discussieer mee! Stuur een reactie van minimaal 200 woorden naar [email protected]. Inhoudelijke reacties die voldoen aan de algemene fatsoensnormen worden geplaatst onder dit bericht. Zie voorwaarden.