Mei. De maand waarin velen het langverwachte vakantiegeld ontvangen. Maar of je straks ontspannen bij het zwembad ligt, of elke avond met een van pijn vertrokken gezicht de rekening betaalt, heeft volgens gedragspsycholoog en columnist Sanne Reijnen te maken met ‘betaalpijn’.
Betaalpijn is het onprettige gevoel dat we ervaren als we geld uitgeven. Het is veel meer dan een metafoor: onderzoek laat zien dat ons brein bij het doen van een betaling reageert op een manier die lijkt op fysieke pijn. Maar hoeveel betaalpijn we voelen, is verrassend beïnvloedbaar.
Pijnprikjes
Stel je voor: je boekt vandaag een all-inclusivevakantie naar Griekenland en betaalt 3.200 euro. Dat doet pijn, één keer flink. Maar, twee maanden later aan het Griekse buffet, bij het zwembad met een cocktail of tijdens een excursie, voelt alles ‘gratis’. Je brein heeft de betaling losgekoppeld van de consumptie. Er is al betaald, dus de cocktail kost in je beleving niets meer.
Vergelijk het met dit scenario: je boekt alleen een vlucht en verblijf. Minder betaalpijn vooraf. Maar ter plekke betaal je elke avond het restaurant, elke dag de ligbedjes, elke keer de parkeerplaats. Elke betaling is een nieuw pijnprikje. Die prikjes stapelen zich op.
Dit verklaart waarom all-inclusivevakanties zo populair zijn. Ze zijn onder de streep niet per se goedkoper, maar ze voelen beter. Omdat de betaalpijn zich concentreert op één moment en niet over twee weken wordt uitgesmeerd.
Noodzakelijke uitgaven zijn pijnlijker
Het type uitgave maakt ook uit. Boodschappen in de supermarkt doen meer pijn dan een leuk uitje. Noodzakelijke uitgaven voelen zwaarder dan uitgaven aan plezier. Vakantie-uitgaven profiteren daar dus dubbel van. Hoeveel betaalpijn we voelen, hangt kortom af van het moment van betalen en van wat we kopen.
Maar er is een derde factor: de manier waarop we betalen. Uit onderzoek van Broekhoff en Van der Cruijsen onder zo’n 2.500 Nederlandse consumenten blijkt dat elektronisch betalen minder pijn doet dan contant betalen. Contactloos betalen en iDEAL scoren het laagst qua ervaren pijn. Logisch: bij contant betalen zie en voel je het geld uit je handen verdwijnen. Bij een tik met je telefoon bij de kassa is het abstract.
Volwassenen, opgegroeid met fysiek geld, ervaren meer pijn bij contant betalen. Maar tieners juist minder
Opvallend is dat dit patroon per generatie verschilt. Volwassenen, opgegroeid met fysiek geld, ervaren meer pijn bij contant betalen. Maar tieners, opgegroeid met digitale betalingen, hebben juist minder moeite met het uitgeven van cash. De onderzoekers vermoeden dat zij het saldo op hun bank-app als referentiepunt gebruiken. Als ze contant betalen, verandert dat saldo niet, en voelt de uitgave minder pijnlijk.
Betaalpijn is een ingebouwd alarmsysteem
We gaan, kortom, minder rationeel met geld om dan we denken. De hoogte van het bedrag is maar één factor. Wanneer we betalen, waaraan we het uitgeven, hoe we betalen en zelfs met welk geld we zijn opgegroeid, bepalen mede hoeveel pijn we voelen, en daarmee hoeveel we uitgeven.
Betaalpijn is als een ingebouwd alarmsysteem, maar de gevoeligheid staat niet vast. Dat klinkt als een probleem, maar het is tegelijk een voordeel. Want wie weet waar de knop zit, kan hem zelf bedienen. Boek all inclusive en geniet zorgeloos op vakantie. Maar zet het alarm thuis niet op stil: juist het ongemak dat betalen opwekt, beschermt je portemonnee.