Minister Elanor Boekholt-O’Sullivan: ‘Als er een wooncrisis is, moeten we ons ook zo gedragen’

Woonminister Elanor Boekholt O'Sullivan. (Foto: ANP).

In dit artikel

Boekholt O'Sullivan op de Dag van de Projectontwikkeling

Bronnen: Neprom, Rijksoverheid

Bouwminister Elanor Boekholt-O’Sullivan (D66) was onlangs op het Neprom-congres van de vastgoedontwikkelaars in Nieuwegein. Ze hield een helder verhaal. ‘Als er een crisis is, heb je geen tijd voor bijzaken.’

Terwijl ze het in de Tweede Kamer moeilijk heeft – zeker bij felle aanvallen van links en rechts  – maakte ze eerder deze maand wel indruk met haar nuchtere toon op het podium van een zaal met achthonderd projectontwikkelaars.

In de wandelgangen van het bouwwereldje werd er al hier en daar gespot met haar optredens in de Tweede Kamer.

Maar op de Dag van de Projectontwikkeling van brancheorganisatie Neprom, donderdag 7 mei, bleek ze toch een verhaal te hebben.

EW was ook aanwezig in de zaal en zag een minister die buiten de Tweede Kamer zichtbaar beter op haar gemak was.

‘Wij maken het ingewikkeld met elkaar’

De minister op het podium in een gesprek met dagvoorzitter Ronald Huikeshoven, voorzitter van Neprom en baas bij gebiedsontwikkelaar AM: ‘Gebiedsontwikkeling lijkt een heel ingewikkeld proces, maar eigenlijk is helemaal niet zo ingewikkeld, dat heb ik de afgelopen negen weken als minister al gezien. Wij maken het ingewikkeld met elkaar.’

In de zaal zat volgens Neprom meer dan tienduizend jaar ervaring in het ontwikkelen van vastgoed.

De minister ad rem: ‘Dat betekent ook tienduizend verschillende meningen. Ik vind een plan echt nodig om de versnelling in de bouwproductie te krijgen.

‘Als ik met het gezin op reis ga, dan hebben mijn dochter en ik een plan waar we ons aan willen houden, mijn man en zoon denken daar heel anders over en willen het plan voortdurend aanpassen om links en rechts ook andere zaken te bekijken.

‘Dat zorgt voor veel onrust en discussie. Ik ben echt van mening dat de versnelling in de woningbouw alleen gaat lukken als we ons aan de afgesproken aanpak houden. Zullen we dat dit keer gewoon eens proberen?’

‘De versnelling in de woningbouw gaat alleen lukken als we ons aan de afgesproken aanpak houden’

Ze refereert op het podium tegenover de projectontwikkelaars aan haar 32 jaren bij defensie. ‘Wat ik daar geleerd heb, is dat ik alleen maar effectief kan zijn door eerst de taal te leren spreken van de mensen die niet willen doen zoals ik het wil hebben.

‘Pas als ik me echt heb verdiept in wat de ander ziet en de taal die de ander gebruikt, kan ik stappen maken. Voor die uitdaging sta ik nu ook.

‘Als ik jullie taal niet heel snel leer, dan kan ik helemaal niet effectief zijn. Voor mij is leiding geven ook vooral stiltes laten vallen en nadenken.

‘Want als er een makkelijk antwoord was geweest op het vraagstuk waar wij nu voor staan, dan was het al lang bedacht. De woningnood is een veelkoppig monster.

‘En als jullie zonder nadenken wel meteen een antwoord hebben op de woningopgave, dan zou het misschien wel eens het verkeerde antwoord kunnen zijn. Want anders was het toch al opgelost met zo veel mensen en kennis.’

‘Voor mij is leiding geven ook vooral stiltes laten vallen en nadenken’

Dus lef en leiderschap, dat is volgens haar weten wanneer je je mond moet houden, je eigen aannames toetsen, de taal van de ander spreken en daarna: off we go.

Wat was dan haar grootste verrassing in de bouwwereld, wilde de gespreksleider weten.

‘Ik heb “ja” gezegd tegen deze baan, omdat iedereen wel iemand kent die in de pauzestand staat, omdat er voor hem of haar geen huis is.

‘Er is nood én crisis. Als je het bij defensie over een crisis hebt,  dan is er echt iets aan de hand. Dan zet je het leger in om te helpen, met zandzakken bij overstromingen of met hulp bij de varkenspest.

‘Als er een crisis is, dan ben ik gewend dat een heleboel belangen van ondergeschikt belang worden’

‘Wat mij heeft verrast, is dat die nood en die crisisvertaling die ik van defensie ken, niet spelen in het woningdossier.

‘Alle partijen voelen elke dag dat er een crisis is die opgelost moet worden, maar het gedrag is anders dan wat ik gewend ben als je in militaire terminologie zegt dat iets een crisis is. Als er een crisis is, dan ben ik gewend dat een heleboel belangen ondergeschikt worden.

‘Als wij echt vinden dat het crisis is, dan moeten we ons ook zo gedragen. Anders moeten we een ander woord kiezen. Want dan is het gewoon een probleem.’

‘We hebben 100.000 woningen per jaar nodig’

Op de vraag van Huikeshoven wat er dan moet gebeuren om de woningmarkt binnen twee jaar vlot te trekken, zegt ze: ‘Als ik een enorme opportunist was, dan zou ik zeggen: we hebben honderdduizend woningen per jaar nodig.

‘Maar ik ben ook wel een beetje een realist. Dus wat ik het liefste wil, is dat we met elkaar duidelijk hebben hoe en welk marstempo we volgen om de woningnood op te lossen.

‘Zodat sommige mensen ook weten dat ze even moeten wachten, omdat er daarna iets komt waar we op kunnen versnellen. Binnen twee jaar weten we wie welke verantwoordelijkheid heeft om te versnellen en wie dat dan voor zijn rekening neemt.

‘Dan kunnen we elkaar daar ook heel scherp op aanspreken als er niet wordt geleverd. Als dat allemaal heel snel voor elkaar komt, dan is dat fantastisch.’

Ze heeft inmiddels een brief over de versnelling van de woningbouw naar de Tweede Kamer gestuurd. Maar wat gaat volgens haar nu echt helpen?

‘Er zijn in Nederland niet genoeg bouwvakkers’

‘Het is lastig om het goed te doen. Als ik het goed doe voor de huurder, doe ik het niet goed voor de verhuurder.

‘Als ik het goed doe voor de huizenkoper, doe ik het niet goed voor de verkoper. Dus we zitten met elkaar in een wereld waarin je het nooit goed doet. Ik denk dat we nu een aantal kleine stapjes moeten zetten.

‘Ik ga nu liever voor de 6 dan voor de 8 en zeker niet voor de 4. Dan kunnen we daarna van die 6 een 6,5 maken en wellicht een 7. Alleen zo zorgen we dat we de hele problematiek oplossen. En niet alleen voor de studenten, niet alleen voor de ouderen, maar voor ons allemaal.

‘Een van de zaken waar ik mijn hoop op heb gevestigd, is het industriële bouwen. Er zijn in Nederland niet genoeg bouwvakkers om alles te doen wat we willen.

‘Maar we hebben wel fabrieken waar geïndustrialiseerde woningen uit kunnen komen. Dus in die brief staat bijvoorbeeld dat bij grootschalige woningbouwlocaties, waar ik het voor het zeggen heb, ten minste 50 procent uit de fabriek gaat rollen.’

‘Er moet een huis zijn voor mensen die scheiden of kinderen krijgen’

Op de opmerking van de dagvoorzitter dat dit wel een stoer besluit is, zegt ze: ‘Ik weet niet of het stoer is, maar we gaan het wel doen.

‘Ik denk ook dat het begint bij dat woord “publiek-private samenwerking”. Dat klinkt alsof er twee verschillende groepen zijn die allebei aan de andere kant van het touw staan te trekken.

‘Wat mij betreft staan we allemaal aan dezelfde kant van het touw. Vanuit het publieke deel moeten we ook niet bang zijn of het een vies woord vinden dat een ander geld zal verdienen.

‘Nogmaals, voor mensen die op zoek zijn naar een woning is er maar één kant van het touw. Of je dat nu publiek of privaat regelt, maakt dan niet uit. Er moet een huis zijn voor mensen die scheiden of kinderen krijgen.’

‘Het duurt te lang en er zijn te veel regels’

In antwoord op de vraag wat ze dan meteen zou willen veranderen om de huizenmarkt vaart te geven, zegt ze beslist: ‘Op basis van de 73 dagen dat ik in functie ben, zou ik zeggen: het duurt te lang en er zijn te veel regels. Het lijkt wel of we voor alles een eigen regel hebben gekozen.

‘We moeten nu met elkaar afspreken dat we echt woningen willen bouwen. En al die extra dingen die we dan ook nog willen, daar is nu helemaal geen tijd voor, want het was toch crisis?

‘Dan moet je vooral niet vertragen, maar effectief en efficiënt zijn. Ik wil echt kijken waar het slimmer en sneller kan.

‘Ik zal ook duidelijke taal gebruiken naar de partijen – zoals gemeenten en ontwikkelaars – die aanvullende eisen stellen aan woningbouw. Je verzint extra regels als er geen crisis is en als die er wel is, dan is daar geen tijd voor.

‘Er zijn veel te veel algemeenheden in deze wereld en veel te veel snelle uitspraken’

‘We moeten vaker “nee” tegen dat soort aanvullende bouweisen zeggen. We hebben niet tien jaar de tijd om een crisis op te lossen. We moeten het nu doen met concrete plannen. Er zijn veel te veel algemeenheden in deze wereld en veel te veel snelle uitspraken. Dus als je me een tip wilt geven waarvan je denkt, hier moet de minister echt iets mee, maak het zo precies en concreet mogelijk. Want daar kan ik wat mee.’

Ze kreeg een opmerkelijk hartelijk applaus van de projectontwikkelaars, toch niet haar grootste vrienden.

EW’s visie: Geef Boekholt O'Sullivan de kans

Door: Theo van Vugt, redacteur Wonen

De minister van Volkshuisvesting is nu zo’n 85 dagen aan het werk. Het is goed dat ze de nadruk legt op het versnellen van de huizenbouw en meer regie wil laten zien.

De Tweede Kamer reageert alleen verdeeld. Links is erg kritisch op de aanpassingen in de Wet betaalbare huur, die verhuurders iets meer ruimte geeft voor hogere huren.

Dat zal nog voor verhitte debatten in de Kamer gaan zorgen. De Woonbond en andere belangenorganisaties voor huurders noemen de voorstellen op dit vlak onvoldoende om betaalbaarheid te garanderen.

Krachtdadig en met zelfvertrouwen

Over het aanpassen van de fiscale obstakels, die veel verhuurders hun huurwoningen doet verkopen, is ook nog niet veel te horen.

Daar heeft de bouwminister het ministerie van Financiën bij nodig en dat gaat allemaal buitengewoon langzaam. Buiten de Kamer treedt ze inmiddels wel krachtdadig en met zelfvertrouwen op, zoals op de Dag van de Projectontwikkeling.

Bij alle bezoeken aan projecten in het land weet ze enthousiasme op te wekken.

Bouwers en projectontwikkelaars willen dat er sneller kan worden gebouwd, en daar lijkt ze met de versoepeling en schrappen van regels aan tegemoet te komen.

Deze partijen juichen ook de maatregelen toe die de industriële bouw versnellen; zij benadrukken daarnaast ook dat een beter investeringsklimaat en betere fiscale prikkels nodig blijven.

Zonder de buitenlandse ontwikkelaars die hun rendement zagen verdampen door de Wet betaalbare huur wordt er zeker te weinig gebouwd.

Huizenmarkt uit het slop trekken

Er volgen in de zomer en daarna nog wat concrete beleidsvoorstellen op het gebied van financiële hulp aan de corporaties en hoe splitsen, optoppen en woningdelen sneller mogelijk worden gemaakt.

Daarnaast is er nog de interdepartementale Taskforce Versnelling Woningbouw onder leiding van minister-president Rob Jetten (D66), die na de zomer een integraal plan wil presenteren om de huizenmarkt uit het slop te trekken.

Doel is om eindelijk die honderdduizend nieuwe huizen per jaar te bouwen – wat al jaren niet lukt. We moeten daarop wachten voordat een finaal oordeel te vellen is.

Bovendien: als de regels worden versoepeld, dan duurt het nog jaren voordat er ook kan worden gebouwd.