Conflict

Zo probeert Turkije zich delen van de Middellandse Zee toe te eigenen

17 december 2019

Turkije heeft maandag een drone gelanceerd die kan helpen bij het opsporen van aardgas in het oosten van de Middellandse Zee. Dreigt escalatie in het gebied? Vier vragen en antwoorden over de kwestie.

Waar is Turkije precies naar op zoek?

Brandstoffen; onlangs werd ten zuiden van Cyprus aardgas gevonden.

Grieks en Turks deel

Cyprus werd verdeeld in 1974 bij een Turkse invasie. De Grieken pleegden toen een coup en de Turken bezetten daarop het noordelijke deel van het eiland. Sindsdien bestaat het eiland uit een Grieks deel, officieel de Republiek Cyprus, en een Turks deel. De onafhankelijke Republiek Cyprus is lid van de EU. Het land wordt door Turkije niet erkend als staat, terwijl het Turkse deel internationaal niet wordt erkend.

Cyprus en Turkije ruziën al jaren over het bezit van fossiele brandstoffen in de Middellandse Zee.

Met name de oostelijke Middellandse Zee ligt vol met aardgasvelden. Die liggen voor de kust van Egypte, Gaza, Israël, Libanon, Syrië, Turkije, Cyprus en Griekenland. Die landen willen daar vanzelfsprekend allemaal een deel van.

Maar de gebieden zijn betwist. Zo patrouilleert Israël in de kustwateren van Gaza. Israël en Libanon ruziën over waar de zeegrens tussen hun zones loopt. En afspraken maken over het gas voor de kust van Syrië betekent praten met Assad, iets waar de Europese Unie (EU) fel tegenstander van is.

De EU wil graag zijn handen leggen op het aardgas, omdat dat de afhankelijkheid van Russisch gas vermindert en kan helpen bij de energietransitie.

Turkije is het enige land in de regio dat niet profiteert van de energiehausse in het gebied. Terwijl Israël, Griekenland, Egypte en Cyprus onderling afspraken maakten over de verdeling en exploitatie van ruim een miljard vaten olie en ruim 3 miljard kuub gas, bleef Turkije met lege handen achter.

Wat staat er in het Zeerechtverdrag van de VN?

In het Zeerechtverdrag van de Verenigde Naties (VN) lopen de territoriale wateren van landen tot maximaal 12 zeemijl (22 kilometer) uit de kust.

Steeds meer immigranten komen de ­Europese Unie binnen via het poreuze niemandsland op gedeeld Cyprus:

Afrikanen en Pakistani domineren Cypriotische straatbeeld

Wat nu betwist wordt, is de Exclusieve Economische Zone (EEZ). Dat zijn de wateren waar landen recht hebben om te vissen en grondstoffen te delven, zoals olie en gas. In tegenstelling tot de territoriale wateren kan een EEZ zich uitstrekken tot 200 zeemijl (370 kilometer) van de kust.

Turkije maakt geen deel uit van belangrijke internationale verdragen op het gebied van maritiem recht, zoals het Zeerechtverdrag. Hierdoor heeft Ankara meer speelruimte om territoriale wateren en maritieme zones te bepalen.

Het Griekse deel van Cyprus heeft het zuidelijke deel van de kustwateren geclaimd. Turkije is daar niet blij mee en claimt het noorden, het oostelijk deel en het zuidelijk deel.

Volgens internationaal recht horen de wateren waaronder het gas ligt bij Grieks Cyprus. Dat gunde bedrijven als het Amerikaanse ExxonMobil, het Italiaanse Eni en het Franse Total vergunningen om te boren.

Wat hebben Libië en Turkije nu besloten?

Turkije en Libië sloten eind november een akkoord over hun Exclusieve Economische Zones (EEZ). De door Turkije en Libië opgeëiste gebieden zijn enorm en lopen dwars door de economische zones van Griekenland, Cyprus en Egypte.

Het Turks-Libische akkoord dient als juridische rechtvaardiging van de Turkse gasboringen in de betwiste wateren rond Cyprus.

Turkije werd eerder uitgesloten bij de aanleg van een belangrijke gaspijpleiding die Cypriotisch en Israëlisch gas via Griekenland naar Europa moet vervoeren. Israël, dat sinds maandag een nieuwe belangrijke gasbel aanboort, kan Europa via die weg minder afhankelijk maken van Russisch gas.

Door de EEZ’s die Libië en Turkije nu overeen zijn gekomen, dreigt de aanleg van de miljarden kostende gaspijpleiding – die dwars door het gebied gaat – niet door te gaan. Josep Borrel, buitenlandcoördinator van de Europese Unie (EU), noemde het Turks-Libische akkoord ‘een ernstige bron van zorg’. In reactie op het akkoord zette Griekenland op 6 december de Libische ambassadeur het land uit.

Na de val van Kadafi in 2011 begon de strijd om de macht. Tot op heden is die nog altijd niet gestreden. De hoofdstad Tripoli is bemand door een regering die door de Verenigde Naties (VN) is erkend.

In Benghazi – hemelsbreed 650 kilometer ten oosten van Tripoli – zit het Libische Nationale Leger (LNA) onder leiding van generaal Khalifa Haftar. Hij speelde een belangrijke rol in het verzet tegen voormalig dictator Muammar Khaddaffi – die in 2011 werd afgezet. Sinds begin april van dit jaar gaf hij de LNA bevel op te rukken naar de hoofdstad Tripoli.

Haftar wordt gesteund door onder meer Rusland, Egypte en Saudi-Arabië. Ook Frankrijk steunt zijn rebellie, ondanks het feit dat de Europese Unie de door de Verenigde Naties erkende regering steunt. Die regering, genaamd Government of National Accord (GNA) wordt door Turkije en de Europese Unie als officiële overheid van Libië beschouwd.

Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. De volgende cookies zijn nodig: marketing. Wijzig uw instellingen om deze content te zien.

Met de GNA sloot Turkije de omstreden deal. Volgens de Turkse president Recep Tayyip Erdogan is Haftar ‘geen rechtmatig leider en is hij representatief voor een illegale structuur’ in het land.

Dreigt escalatie?

Griekenland, Egypte en Cyprus zijn het er alledrie over eens dat de overeenkomst tussen Turkije en Libië in strijd is met het Zeerechtverdrag van de Verenigde Naties. Griekenland heeft daarom op 10 december bij de VN bezwaar aangetekend tegen de grensovereenkomst tussen Turkije en Libië. Griekenland benadrukte dat de zeegebieden van Libië en Turkije niet aan elkaar grenzen en dat de wateren voor het grootste deel onder Grieks en Egyptisch bewind vallen. ‘Dit akkoord is te kwader trouw gesloten,’ zei een Griekse regeringswoordvoerder. Griekenland wil nu dat de VN-Veiligheidsraad zich over de kwestie buigt.

Athene waarschuwde ook dat het geen Turkse gasboringen zal toestaan rond Kreta en heeft oorlogsschepen naar het eiland gestuurd. Daarnaast heeft Griekenland de Europese Unie gevraagd sancties voor te bereiden in het geval dat Turkije en Libië het akkoord niet intrekken.

Turkije trekt zich weinig aan van de kritiek en blijft op agressieve wijze aanspraak maken op het gebied. President Erdogan is vastbesloten om het akkoord uit te voeren. Hij noemde op 10 december de uitzetting van de Libische ambassadeur een ‘internationaal schandaal’ waarvoor Griekenland ‘de prijs zal betalen’. Hij zei dat Turkije een vierde boorschip zal kopen om zijn gasboringen rond Cyprus voort te zetten en mogelijk zelfs uit te breiden.

Maandag landde een militaire drone op luchtbasis Geçitkale (ook wel Lefkoniko Airport genoemd) die moet helpen bij de zoektocht naar gas in de Middelandse Zee. Beelden hiervan werden uitgebreid door de Turkse regering gedeeld.

Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. De volgende cookies zijn nodig: marketing. Wijzig uw instellingen om deze content te zien.

Ingelogde abonnees van EWmagazine kunnen reageren
Bij het plaatsen van een reactie geldt een aantal voorwaarden. Klik hier voor de voorwaarden.

Reacties die anoniem worden geplaatst of met een overduidelijke schuilnaam zullen door de moderator worden verwijderd, evenals reacties die niets met het onderwerp van het artikel te maken hebben. Dit geldt evenzeer voor racistische of antisemitische reacties. De moderator handelt in opdracht van de hoofdredacteur.